De defensieve innovatiecultuur in de journalistiek
Ter gelegenheid van de presentatie van het Handboek Crossmediale Journalistiek en Redactie op 30 juni, hield een van de auteurs, Alexander Pleiijter, onderstaande inleiding.
1995 is het geboortejaar van de Nederlandse internetjournalistiek. In 1995 gingen namelijk de eerste Nederlandse kranten online (Eindhovens Dagblad en NRC Handelsblad), kwam het eerste opinieblad met een website (De Groene Amsterdammer) en vond de lancering plaats van Planet.nl en Webwereld, die een belangrijke voortrekkersrol vervulden voor de Nederlandse internetjournalistiek.
Nieuwe mogelijkheden
Het was een tijd die volop revolutionaire veranderingen ademde. Een tijd van nieuwe mogelijkheden. Mogelijkheden voor nieuwe vormen van journalistiek, nieuwe manieren van verhalen vertellen, nieuwe manieren om het nieuws te presenteren en te verspreiden. Lees verder.





In een medialandschap waar de informatie steeds sneller circuleert, zijn blogs en sociale netwerken voor journalisten steeds belangrijker. Dat is uiteraard niet alleen in ons land zo. Voor de buitenlandcorrespondent zijn met name blogs van onschatbare waarde. Althans, dat is zo voor mij, in Mexico. Maar hoe zit het met mijn collega’s in andere landen?
Het RTL-twitterdebat op 2 juni over de komende Tweede Kamerverkiezingen ging vooral over de procedure en veel minder over politieke inhoud. Dat concludeert de
Wat waren de afgelopen tien jaar de momenten die de journalistiek veranderden? Directeur David Shedden van het Amerikaanse Poynter Instituut selecteerde 200 ontwikkelingen en verwerkte ze in een graphic. Van de introductie van Google Mail tot de release van de Blackberry. De veranderingen zijn in vier groepen opgedeeld: zakelijke, technologische, nieuws-ontwikkelingen en sociale media. Wie onder
Er was goedkoop bier, live-muziek en een nep-Marilyn Monroe: in maart vierde
Hoe de Cook Islands News dankzij het internet een gitzwarte toekomst denkt te overleven.
De medaillejacht van Sven Kramer, Ireen Wüst en Nicolien Sauerbreij op de Olympische Winterspelen beheerst deze maand het sportnieuws. Maar stel dat Nederland goud wint, leest de sportfan dat dan ’s ochtends in de krant? In het Canadese Vancouver is het negen uur vroeger dan in Nederland en daardoor zijn de wedstrijden hier ’s avonds laat en ’s nachts op televisie. Dit levert een probleem op voor sportredacties van de kranten. Bij een gouden medaille van Nederland kunnen dagbladen er vaak pas een dag later over berichten, terwijl het nieuws al breed is uitgemeten op televisie, internet en de radio. Hoe gaan de krantenredacties hier mee om?
Hoe creëer je waarde in tijden van overvloed? Onlangs bogen collega’s uit de dagbladwereld zich in Kopenhagen over dit onderwerp. Wie het programma bekeek van de conferentie valt op dat de onderwerpen ‘wat zijn de businessmodellen’, ‘waar plaats ik het hekje’, ‘maar online is toch alles gratis’ domineren. Een achterhaalde discussie anno 2010. (Nieuws)Uitgevers zouden moeten nadenken over de vragen: ‘Welke doelgroep wil ik eigenlijk naast mijn dagbladlezers bedienen’, ‘Welke producten bied ik hen vervolgens aan?’ en ‘Welk kanaal heb ik daar voor nodig’ .
Onze cultuur wordt niet bedreigd door een overdaad aan informatie, maar door een informatiecrisis. We kunnen alles weten, maar te weinig mensen weten tegelijk hetzelfde. En met samen iets weten beginnen burgerschap en democratie.




