Deze week berichtte de Wall Street Journal en daarop De Nieuwe Reporter dat de populaire nieuwssite digg.com (900.000 geregistreerde leden), waar gebruikers zelf artikelen kunnen aandragen, voor een aanzienlijk deel gevuld wordt door maar een heel kleine groep mensen. Om precies te zijn dertig (30) gebruikers zorgen voor een derde van de bijdragen.

Dat lijkt opmerkelijk maar het is een patroon dat overal op internet waarneembaar is, al zo lang het bestaat. Een relatief kleine groep mensen bepaalt de toon. In 1997 bijvoorbeeld, toch alweer tien jaar geleden, werd de nieuwsgroep nl.eeuwig.september gevuld door 199 mensen die er in een maand tijd ruim 15.000 berichten achterlieten. Een derde van die artikelen was afkomstig van slechts 6 gebruikers.

Bij De Telegraaf is hetzelfde waarneembaar leert een steekproef onder de 145 reacties op het artikel met de kop ‘PVV: Geen bewindslieden met dubbele nationaliteit’. De meeste afzenders blijken via Google terug te vinden op de site van De Telegraaf omdat ze eerder hebben gereageerd. Een klein deel liet al minstens tientallen malen van zich horen en een paar zelfs veel vaker. Iemand die zich Dr.R. Clavan, Katwoude noemt bijvoorbeeeld duikt 245 keer op. Die vaste groep bepaalt de toon.

Wikipedia
Dat fenomeen beperkt zich niet tot bijdragen, het geldt voor internet als geheel. Het valt bijvoorbeeld op dat bij Google vaak dezelfde sites in de zoekresultaten opduiken. Dat zijn sites waar kennelijk veel gevarieerde informatie te halen valt. De Wikipedia is er zo een, Tweakers ook. Als ik de eerste zinnen van deze alinea Google kom ik bij de resultaten bekenden tegen zoals Onlijn, het vroegere e-zine van DNR-medewerker Erik van Heeswijk. Of de weblog van journalist Leon Krijnen. Kennelijk voorzien zij beter dan anderen in een informatiebehoefte.
Ik heb wel eens overwogen op basis daarvan een award in te stellen, welke sites keren bij willekeurig ingevoerde zoektermen het vaakst terug in de eerste vijftig resultaten?
Want zij bepalen hoe internet er in het dagelijks gebruik uit ziet. Het denken over internet wordt vaak ingegeven door het besef wat je er kunt vinden – en dat is teveel om op te noemen – maar in de praktijk gaat het er natuurlijk om wat je er daadwerkelijk vindt. En dat is gezien de gigantische hoeveelheid informatie opmerkelijk vaak hetzelfde, of althans afkomstig van dezelfde bron.

Het ironische is dat die werking precies overeenstemt met het principe waar internet een einde aan moest maken: de massamedia. Bij de massamedia bedient een kleine groep de grote massa. Few to many. Op internet zou dat many to many worden en dat lijkt ook logisch. In de praktijk blijkt dat toch niet zo te werken.

De oorzaak is simpel: luiheid, of liever gezegd inertie. Het gros van de mensen levert geen bijdrage. Ze reageren niet weinig, ze reageren nooit. Sterker nog: het gros van de mensen klikt niet eens. Als ik hier een link aanbreng en er bij zeg dat daarachter de essentiële informatie te vinden is dan klikt slechts een klein deel van de gebruikers daar op. Minder dan tien procent. Veel minder zelfs. Dat fenomeen is hooguit te manipuleren door bijvoorbeeld de mededeling dat hier naaktfoto’s te vinden zijn van de adembenemende actrice Scarlett Johansson.

Digitale metropool
Het betekent dat internet meer een ‘gewoon’ massamedium is dan nu toe werd aangenomen. Met natuurlijk deels nieuwe spelers maar met wel opvallend dezelfde ontwikkelingspatronen als andere media. Weblogs bijvoorbeeld lijken heel erg op de oude couranten uit voorbije eeuwen. Niet alleen omdat ook die werden volgeschreven door randfiguren en enthousiastelingen maar evenzeer omdat die kranten nog geen gebruik maakten van vette koppen om nieuws te positioneren. Op weblogs is het laatst toegvoegde nieuws altijd het belangrijkste. Couranten schreven elkaar bovendien voortdurend over. Multatuli stak daar weergaloos de draak mee door vaak te citeren uit de Mainzer Beobachter, een krant die helemaal niet bestond.

Dat overschrijfprincipe is ook bij sites als Digg terug te vinden. Een controle van de tien populairste artikelen leert dat meer dan de helft direct afkomstig is uit de gevestigde media, een enkele is gebaseerd op het persbericht van een bedrijf en slechts twee bevatten eigen berichtgeving. Dat is heel erg media oude stijl. De middelen waarmee Digg wordt gemaakt zijn nieuw maar het resultaat niet. Het is namelijk gewoon menselijk gedrag en daar waren de massamedia van oudsher al in gespecialiseerd.

Internet heeft van de wereld dan ook geen global village gemaakt waar iedereen gelijk is en participeert maar een digitale metropool met een centrum waar iedereen graag heen gaat maar waar slechts weinigen echt wonen.

Al 9 reacties — discussieer mee!