Amerikaanse bloggers spelen een belangrijke rol bij het bepalen van de nationale nieuwsagenda en het publieke debat. Als NRC-correspondent in de Verenigde Staten kon Marc Chavannes daarom niet zonder weblogs. Nu Chavannes sinds 2005 weer terug is in Nederland verbaast hij zich erover dat het online debat hier niet in dezelfde mate van de grond komt als in de VS. Over de vraag waar de Nederlandse kwaliteitsblogs blijven, ging de hoogleraar journalistiek dinsdagavond tijdens een door de NVJ georganiseerde bijeenkomst in Utrecht in discussie met internetjournalisten en webloggers.

Het (niet geheel bevredigende) antwoord op de vraag van Chavannes volgt straks. Eerst even terug naar de tijd dat Chavannes voor NRC Handelsblad correspondent was in Washington DC. Chavannes’ start als correspondent in de VS – in 2000 – viel samen met het moment dat de weblogs met hun grote opmars begonnen.

“Al vrij snel begon ik enkele blogs te volgen”, vertelde Chavannes. “Als correspondent in de VS moet je na middernacht volledig wakker zijn. Tussen half één en één komen de kranten online. Op basis daarvan kun je een plan maken voor je stukken van die dag. Maar op de blogs kon je vaak al in de loop van de dag zien wat er broeide. De vraag was vervolgens of de New York Times en de Washington Post het nieuws nog dezelfde dag zouden oppikken of dat ze nog een week zouden wachten. Meestal was dat laatste het geval.”

Racistische uitspraak
Weblogs spelen een belangrijke rol in de Verenigde Staten. Blunderende politici en media worden er ter verantwoording geroepen. “De democratie heeft de laatste jaren veel gehad aan weblogs”, vindt Chavannes.

De voormalige correspondent had een waslijst aan voorbeelden. Zo zorgde Josh Marshall van Talking Points Memo ervoor dat een racistische uitspraak van de leider van de Republikeinen in de Senaat, Trent Lott, landelijke aandacht kreeg. Lott moest zijn functie neerleggen. Zonder de blogosfeer was de uitspraak van Lott waarschijnlijk nooit verder gekomen dan een lokale krant.

En de plannen van president Bush om social security (de ‘Amerikaanse AOW’) te hervormen, zijn volgens Chavannes voornamelijk door de kritiek in de blogosfeer gesneuveld. “Het Congres heeft daar niets aan gedaan. En ook de kwaliteitspers had een volgende rol.”

Hangende pootjes
Hoe komt het dat de Nederlandse politieke blogosfeer nog niet vergelijkbaar is met die in de VS? Het is een vraag die niet alleen Chavannes bezighoudt. Eerder schreef Theo van Stegeren hier op De Nieuwe Reporter al over de Nederlandse politieke blogs die te weinig hun tanden zouden laten zien.

De beperkte rol die weblogs spelen in het maatschappelijk debat is overigens geen uniek Nederlands fenomeen. “Ik heb pas eens naar de Franse blogs gekeken, maar dat viel ook tegen”, vertelde Chavannes. Engelse blogs doen het wellicht iets beter, maar zijn nog altijd minder succesvol dan hun Amerikaanse tegenhangers.

Is er in de VS door de Irak-oorlog misschien gewoon meer om over te discussiëren? “Zijn we het over alles eens in Nederland?”, vroeg Chavannes zich af. Dick van Eijk (NRC Handelsblad) weet de verschillen aan de andere debatcultuur in de VS – een fenomeen waar Arjan Dasselaar al op wees naar aanleiding van zijn onderzoek naar het journalistieke gehalte van Nederlandse weblogs. “Het Amerikaanse politieke landschap is veel meer gepolariseerd”, meent ook Stephan Okhuijsen van Sargasso.

De meest voor de hand liggende verklaring voor de verschillen tussen Nederland en de VS is schaalgrootte, ‘zowel commercieel als intellectueel’, volgens Van Eijk. In de Verenigde Staten krijgen bloggers als Glenn Greenwald en Andrew Sullivan onderdak bij (en geld van) bestaande media. In Nederland zijn eigenlijk alleen ‘shockblogs’ als Geenstijl en Retecool commercieel succesvol.

Josh Marshall van Talking Points gaf zijn baan er aan om een (succesvol) weblog te kunnen beginnen. In Nederland nemen webloggers zo’n stap minder snel. “In Nederland is de kans nihil dat je kunt rondkomen van je blog”, aldus een aanwezige blogger van Geencommentaar.nl. “Als ik mijn baan zou opzeggen, zou ik binnen een jaar waarschijnlijk weer met hangende pootjes moeten aankloppen bij mijn baas.”

Lawaai maken
Nederlandse wetenschappers en mensen die een rol spelen in het publieke debat, lijken ook minder geneigd om een blog te beginnen. Bij een belangwekkende uitspraak van het Amerikaanse Hooggerechtshof komt daar in de VS al snel commentaar op van bloggende juristen, vertelde Chavannes. En wie meer te weten wil komen over het Midden-Oosten kan niet zonder het blog van Juan Cole. Maar naar welk Nederlands blog moet je als je meer wilt weten over een een arrest van de Hoge Raad of een Iraakse geestelijke?

Niet alleen Nederlandse wetenschappers en intellectuelen lijken minder betrokken bij de blogosfeer, ook de media laten zich er weinig aan gelegen liggen. Bloggers als Michelle Malkin en Andrew Sullivan komen in de VS regelmatig op tv om commentaar te geven op de actualiteit; in Nederland is er geen enkele blogger die een dergelijke rol vervult.

De bloggers van Geencommentaar.nl ondervinden aan den lijve dat het moeilijk is om publiciteit te krijgen (en dat terwijl een fotograaf van het weblog afgelopen weekend nog door de Amsterdamse politie werd gedwongen om een flink aantal foto’s te wissen). “Je moet lawaai maken om opgemerkt te worden door de traditionele media”, aldus één van hen. Les één: nuance werkt niet. Een posting met een uitgesproken mening (of zelfs foutieve informatie) levert veel meer bezoek op dan een afgewogen artikel.

Lees ook:
Peter Olsthoorn (Planet Multimedia): ‘Te weinig relevant debat in Nederlandse blogs
Roy (Geencommentaar.nl): Kwaliteit en invloed van weblogs in Nederland
Jak Boumans: Journalism and blogging

Maarten Reijnders

Al 47 reacties — discussieer mee!