journalismripDe polderreactie van dagmedia op de komst van internet in combinatie met de kredietcrisis kan wel eens de ondergang betekenen van de kwaliteit en onafhankelijkheid van de Nederlandse journalistiek. Enerzijds heeft nog geen enkel Nederlands medium adequaat weten te reageren op de veranderingen die internet teweeg heeft gebracht waardoor er een beroepsgroep van vlees noch vis aan het ontstaan is. Anderzijds zet de kredietcrisis de advertentie-inkomsten inmiddels dusdanig onder druk dat redacties dreigen te gaan zwichten voor commerciële druk op de kolommen met het gevaar dat we de onafhankelijke journalistiek voor eens en altijd gaan verliezen.

De komst van internet heeft twee belangrijke effecten op de werkwijze van de journalistiek. Ten eerste is er met internet een permanente toegang tot het nieuws ontstaan. Waren burgers in het verleden afhankelijk van programmering van de journaals op radio en televisie en de bezorging van de krant, nu krijgen ze met een druk op de knop op ieder gewenst moment van de dag het laatste nieuws in de schoot geworpen. Bovendien is die actualiteit nu gratis. Waar we vroeger moesten betalen voor een krantenabonnement en kijk- en luistergeld om te weten wat er in de wereld gebeurde, is het kennen van de actualiteit nu gratis. Dat maakt dat burgers niet meer bereid zijn om te betalen voor de feitelijke verslaggeving van actuele gebeurtenissen en tegelijk niet meer willen wachten op door de media bepaalde momenten om dat nieuws te kennen.

Opvallend genoeg is daarbij dat de partij die de Nederlandse burger nu direct van de actualiteit voorziet, het ANP is geworden. Was het ANP in het verleden een bron voor journalisten die voor burgers nagenoeg onzichtbaar bleef, nu is het ANP de directe leverancier van het nieuws voor de burgers. Op alle grote nieuwssites van Nederland, zoals Nu.nl, lezen burgers de hele dag door de teksten van het ANP.

Blok aan het been
Die ontwikkeling brengt met zich mee dat dagmedia een metamorfose moeten ondergaan om in dit nieuwe tijdperk relevant te blijven. De meest ingrijpende verandering die ze moeten doorvoeren, heeft betrekking op de positie van de nieuwsdienst. Bij alle media is de nieuwsdienst het kloppend hart van de redactie. Dat is de afdeling die de actualiteit brengt, de afdeling van de razende reporters. Maar nu burgers voor actualiteit niet meer willen betalen en al helemaal niet meer willen wachten, wordt de nieuwsdienst van de dagmedia meer en meer een overtollig blok aan het been van de media. Vooral omdat de nieuwsdienst nooit beter is in het verslaan van de actualiteit dan het ANP. Omdat het ANP van alle journalistieke gremia het meest gespecialiseerd is in die actualiteit én omdat het ANP verreweg de meeste journalisten en tipgevers in het veld heeft. Via de nieuwssites brengen deze ANP-verslaggevers hun nieuws binnen een minuut bij de burgers.

Aangezien alle landelijke dagmedia aangesloten zijn bij van het ANP worden hun eigen nieuwsdiensten meer en meer tot (minder volledige en minder snelle) schaduwredacties van dat – dure – ANP. De vraag komt dan op waarom media nog voor twee redacties – de eigen nieuwsdienst en het ANP – betalen die ieder hetzelfde doen. Logischer zou het zijn om dit deel van de nieuwsvoorziening volledig aan het ANP over te laten aangezien deze partij hier het best voor uitgerust is.

Bijkomend voordeel hiervan is dat de commerciële druk die adverteerders proberen uit te oefenen op redacties om positieve items of stukken te krijgen daarmee ook direct verleden tijd is. Als enige journalistieke bron heeft het ANP nagenoeg geen enkele relatie met commerciële partijen. Dat garandeert dat burgers een volledig maar tegelijk onafhankelijk beeld van de actualiteit krijgen gepresenteerd. In een tijd van crisis zoals deze is de kans groot dat media zullen zwichten voor commerciële invloed op de redacties als dat op korte termijn de redding van het medium betekent. Maar op lange termijn betekent dat ook de dood van een onafhankelijk Nederlands journaille. Het is een doodzonde als directies en hoofdredacties de dreiging het hoofd bieden door de onafhankelijkheid te verkopen.

Opsporen van misstanden in de maatschappij
We moeten er in Nederland voor strijden dat er betaalde media overblijven die de nadrukkelijke keuze maken voor de vrije journalistiek en inhoudelijk iedere commerciële invloed op de redactie zullen gaan weigeren. De hoofdredacties van kranten met dit onafhankelijk profiel zullen de crisis en de veranderingen door internet alleen kunnen overwinnen door het hart van de krant te verplaatsen van de nieuwsdiensten naar de onderzoeksjournalisten, commentatoren en analisten. In plaats van met tien verslaggevers van tien verschillende media de lintjesknipperij van het koninklijk huis te volgen, kunnen we dat beter aan één verslaggever van het ANP en een regionale journalist overlaten en de andere acht vrijmaken voor daadwerkelijke opsporing van misstanden in de maatschappij. De ANP-verslaggever wordt tegenwoordig in zijn activiteiten ook voldoende ondersteund door burgers die met camera’s overal aanwezig zijn, dus de aanwezigheid van het voltallige journaille bij actuele gebeurtenissen is ook om die reden ook al overbodig aan het worden.

Deze media moeten een nadrukkelijke keuze maken voor onderzoeksjournalistiek om ervoor te zorgen dat politiek, maatschappelijk en economisch leiders minder gemakkelijk misbruik kunnen maken van hun macht, zouden ze dat willen. Zij moeten zich toeleggen op het kritisch volgen van leiders in het nakomen van hun beloftes voor de lange termijn en zich niet laten leiden door de waan van de dag. Zij zullen zich volledig moeten toeleggen op het aan de kaak stellen van misstanden en het boven tafel halen van dat wat anderen graag verborgen houden.

De directies van deze media zullen de kosten alleen beheersbaar kunnen houden door de redacties aanzienlijk te verkleinen tot een kern van kwalitatief hoogwaardige onderzoeksjournalisten en maatschappelijk commentatoren. Met kleine redacties, dunne kranten, maar kwalitatief beter dan ooit tevoren.

Hoewel deze ontwikkeling onherroepelijk veel ontslagen met zich mee zal brengen, is deze ontwikkeling toe te juichen zolang het mes scherp snijdt. Zij garandeert enerzijds media die ons meer diepgang en argumentatie voor debat aanleveren dan ooit tevoren en voorkomt anderzijds dat kranten die lijden onder dalende advertentie-inkomsten achter de schermen hun redactionele kolommen openstellen voor commerciële invloeden. Die grijze wereld mogen we niet binnengaan, omdat een goed functionerende democratie een mondig, kritisch en ongebonden journaille nodig heeft als luis in de pels van de machtsdragers.

Al 2 reacties — discussieer mee!