anoniem‘Anonimiteit verleidt de democratie tot anarchie. En anarchie is drijfzand voor een naslagwerk.’ Mooier kon het niet worden opgeschreven aan het eind van een commentaar in NRC Handelsblad op het open karakter van de Wikipedia-gemeenschap.

Ik wil nog een stap verder gaan en deze treffende opvatting van toepassing verklaren op de toonaangevende journalistieke discussiesite die De Nieuwe Reporter is geworden.

De hoofdverhalen van de DNR kun je zelfs soms als wetenschappelijk verantwoord bestempelen. Ze geven in ieder geval een aardig beeld van wat er leeft in de journalistieke wereld van de media (kranten, tijdschriften, radio en tv, en het nog steeds sterk in opkomst zijnde internet).

Provoceren
Echter, ik betrap me er steeds meer op dat de vakinhoudelijke discussie wordt doodgeslagen door de anonieme reacties daaronder: vaak alleen voornamen waarvan men zelfs kan afvragen of die wel eerlijk zijn. Ik heb al eens eerder gesteld dat ik al die anonymi niet meer serieus neem.

Vaak zijn ze alleen maar bezig om te provoceren of argumentloos anderen onderuit te halen. Het tv-programma ‘De Leugen Regeert’ heeft toen nog geprobeerd mij te strikken voor een discussie hierover, maar daarop ben ik niet ingegaan. Er zijn gezaghebbende journalisten genoeg, bijvoorbeeld de hoofdredacteur van NRC Handelsblad, die soortgelijke opvattingen erop nahouden.

Ik lees de reacties – als zij anoniem zijn – nauwelijks meer. Erger vind ik nog dat mijn totale indruk van De Nieuwe Reporter daardoor ook wordt aangetast. Voor zover het ook zo bedoeld is, wordt het journalistiek gezag van de site aangetast. Daar doelde ook het commentaar in NRC over de Wikipedia op.

Open riool
Ook andere openbaar toegankelijk sites – dat moeten ze zeker blijven – kampen met dit euvel. Zelf noem ik als voorbeeld dat ik als eerste een reactie heb gegeven op een bericht in de nieuwsbrief van De Journalist over de AD-vertrekregeling. Ik plaatste de kanttekening dat het enerzijds mooi is dat daardoor ‘gedwongen ontslagen’ bij ooit deze gerenommeerde krant konden worden voorkomen maar dat anderzijds door de algemene vrijwillige vertrekregeling ook de kwalitatieve redacteuren afdruipen.

Niet te geloven dat na mijn reactie onder volledige eigen naam nog eens een stuk of dertig ‘figuren’ hun zegje hebben gedaan, van wie slechts een stuk of vijf met volledige (eerlijke?) naam. Van sommigen kan ik het nog billijken dat als zij bij de AD-redactie werken liever anoniem blijven. De leidinggevenden lezen mee.

Maar van allerlei ‘vogels’ die wat willen roepen omdat zij wat willen roepen moet ik niks hebben. Voorstanders van het open riool dat internet vaak is, menen juist dat dit het mooie is van dit wereldwijd sterke medium, dat als zodanig als een muurkrant fungeert waardoor je iedereen de kans geeft zijn mening – ook anoniem – kenbaar te maken.

Onzin
Dat mag wat mij betreft ook wel, als je in ieder geval nog wel vakinhoudelijke informatie afschermt voor anonieme onverlaten die helemaal niets ‘vakinhoudelijk’ toe te voegen hebben. Bij Wikipedia gaan voortaan door de gemeenschap opgegeven wijzigingen eerst langs een redacteur die de ‘bakken met onzin’ eruit haalt. Moeilijkheid is natuurlijk wel: wie bepaalt wat onzin is.

De Nieuwe Reporter hoeft niet zover te gaan. In de spelregels zal moeten komen te staan dat reacties toch minstens met alleen de échte voor- en achternaam worden geplaatst. Natuurlijk zullen sommige slimmeriken ook daarvoor wel weer een oplossing bedenken. Als de redactie dat in de gaten houdt, is het misschien al te laat maar kan men in de toekomst volgens een ict-deskundige met heel eenvoudige middelen in ieder geval voor deze vazalnaam een blokkering worden ingesteld.

Al 45 reacties — discussieer mee!