copyrightNieuwssites zoals Google News en Breitbart die het nieuws verzamelen, zijn volgens Wall Street Journal-hoofdredacteur Robert Thomson “parasieten of de lintwormen in de ingewanden van het internet”. Ze zouden lezers aanzetten tot “vreemdgaan”: nieuwsconsumenten lezen andere kranten dan normaal. Het medicijn hiertegen is een uitbreiding van het auteursrecht. Althans, dat is de mening van de bekende Amerikaanse rechter Richard Posner. Maar kan een uitgebreider auteursrecht de journalistiek werkelijk redden? Diverse Nederlandse deskundigen betwijfelen dit.

Het aanbieden van gratis nieuws via internet en er via advertenties voldoende aan verdienen om journalisten in dienst te houden, is nog maar weinig publicaties gegeven. Richard Posner, stelt in zijn blog ‘The Future of Newspapers’ dat een voortdurende economische crisis tot blijvende verandering van het consumentengedrag kan leiden, zoals bijvoorbeeld het opzeggen van een krantenabonnement.

Het gevaar is dat consumenten gewend raken aan gratis nieuws en niet meer terugkeren nadat het economisch tij weer is gekeerd. Posner gaat uit van twee bestaansgronden voor gratis nieuws: 1. De marginale kosten van online nieuws zijn vrijwel nul en 2. nieuwssites die los staan van een krant, kunnen naar artikelen linken en deze parafraseren, zonder de kranten financieel te compenseren.

Nieuwsfeiten onder het huidige auteursrecht in Nederland
Nieuwsberichten zijn berichten over nieuwsfeiten: de geschiedenis van de dag. Dit kunnen zowel primeurs betreffen als nieuws dat bekend is gemaakt bij een veelbezochte persconferentie. Volgens artikel 15 van de Auteurswet “mogen nieuwsberichten worden overgenomen door dag-, nieuws- of weekblad of tijdschrift, in radio- of televisieprogramma of ander medium dat eenzelfde functie vervult.” De enige voorwaarde is dat de bron, waaronder de naam van de maker, wordt vermeld. Nieuwsfeiten vallen dus onder een beperking van het auteursrecht.

Professor Bernt Hugenholtz, directeur van het Instituut voor Informatierecht (IViR) schreef in 1989 zijn proefschrift ‘Auteursrecht op informatie’. Hij merkte op dat persbureaus elke keer dat er een nieuwe telecommunicatietechnologie beschikbaar kwam voor bescherming van nieuwsfeiten pleitten.

In vroegere tijden troffen deze pleidooien nog wel doel. In de Engelse Kaapkolonie werden nieuwsfeiten bijvoorbeeld beschermd via de in 1880 in werking gestelde “Telegraphic Message Copyright Act”. Toen in de jaren twintig en dertig van de twintigste eeuw de radio zijn opwachting maakte, werden nieuwsberichten ook via de ether verspreid. Waarop als reactie nieuwsfeiten in diverse landen voor een korte tijd bescherming verwierven. In Denemarken en Finland gold een termijn van 12 uur na publicatie, Noorwegen en Italië kenden een termijn van 16 uur, terwijl Turkije 24 uur aanhield. In Denemarken, Finland en Noorwegen was de bescherming beperkt tot nieuwsberichten die afkomstig waren van buitenlandse persbureaus en correspondenten.

Uitbreiding auteursrecht wenselijk?
Professor Hugenholtz is geen voorstander van een kortstondig exclusief recht op nieuwsfeiten: “Nieuwsfeiten vallen niet onder het werkbegrip van het auteursrecht. De essentie van het auteursrecht is dat het een originele vorm beschermt.” Als dit losgelaten zou worden, kan de balans verstoord raken tussen aan de ene kant de prikkel om de pers haar investering te laten terugverdienen en aan de andere kant het maatschappelijke belang om de verspreiding van culturele en journalistieke werken te bevorderen: “Het zou tot een monopolie op nieuwsfeiten leiden en een onwenselijke toestemmingscultuur.”

Paul Molenaar, ex-directeur van Ilse Media, gelooft ook niet in het nut van een uitbreiding van het auteursrecht. Volgens hem is de wetgeving ruimschoots voldoende voor kleine en grote bedrijven om hun recht te halen indien er inbreuk is gemaakt op hun auteursrecht. “En als er überhaupt een uitbreiding moet komen, dan in Europees verband,” zegt Molenaar.

Hugenholtz ziet meer heil in een beroep op het mededingingsrecht, om het stelselmatig overnemen van het nieuws door bijvoorbeeld dedicated search sites een halt toe te roepen. In het verleden hebben nieuwsorganisaties daar al met succes gebruik van gemaakt.

In 1918 nam International News Service (INS) stelselmatig het nieuws over van Associated Press (AP). INS mocht niet meer gebruik maken van de telegraafdiensten van de geallieerden, omdat ze de Britse oorlogsinspanningen in een minder gunstig daglicht zouden hebben geplaatst. Hierdoor bleven ze feitelijk verstoken van het nieuws van hun eigen oorlogsverslaggevers. INS nam hierop haar toevlucht tot omkopingspraktijken en het herschrijven van AP-berichten die in vroege krantenedities stonden. AP stapte daarop naar de rechter. Het Amerikaanse Hooggerechtshof oordeelde in een landmark decision (INS versus AP) dat nieuwsfeiten beschermd kunnen worden op grond van het ongeschreven mededingingsrecht en dus niet op grond van het auteursrecht.

De overweging van rechter Pitney was dat informatie over recente evenementen verpakt in geschreven producten niet de creatie van een schrijver is maar een weergave van de zaken die normaal gesproken een publiek recht zijn; de geschiedenis van de dag. Tegelijkertijd oordeelde hij echter dat er sprake was van oneerlijke concurrentie door INS. Hij zag nieuws als een verhandelbaar en verzamelbaar goed waarvoor ondernemingszin, organisatiekracht, vaardigheden, arbeid en geld nodig zijn. Op basis van deze economische waarde kan een nieuwsbureau volgens Pitney een beperkt exclusief recht hebben op nieuws, dat alleen afgedwongen kan worden ten opzichte van concurrenten, indien zij voordeel willen trekken van dat nieuws. Rechter Pitney beperkte dit recht tot nieuws dat nog hot news was.

Business model
News Corp. maakte in het afgelopen boekjaar 2,4 miljard euro verlies. De tegenvallende resultaten zijn het gevolg van een teruggang in advertentie-inkomsten. Media-tycoon Rupert Murdoch, die leiding geeft aan het nieuwsconcern, heeft aangegeven dat vanaf volgende zomer voor al zijn online kranten betaald moet gaan worden.

“Kwaliteitsjournalistiek is niet goedkoop,” citeerde The Guardian Murdoch. Volgens Murdoch heeft het publiek wel degelijk geld over voor een scoop, zoals over het declaratiegedrag van de leden van het Britse parlement. Murdoch heeft aangekondigd zijn auteursrecht via rechtszaken zo agressief mogelijk te willen verdedigen.

De vraag is echter of dat bij nieuwsfeiten via het auteursrecht mogelijk is. Bij nieuwsfeiten gaat het om de nieuwheid van de feiten. Niet om hoe origineel je de feiten hebt beschreven. Rechter Pitney formuleerde het zo: “De bijzondere waarde van het nieuws is dat de verspreiding ervan gebeurt terwijl het vers is.” En juist die feiten vallen onder een beperking van het auteursrecht.

Een aantal uitgevers zegt dat de kranten gered zouden kunnen worden door te stoppen met Google News; de grootste van alle nieuwsverzamelingssites. De hoofdredacteur van Sp!ts, Bart Brouwers, betoogt in een serie artikelen over het boek Free van Chris Anderson dat dit geen oplossing is. Een volgende nieuwsverzamelsite zal de fakkel van Google News gewoon overnemen.

ACAP in de strijd tegen parasiterende nieuwsverzamelsites
Persbureaus en kranten hebben onlangs hun hoop gevestigd op een protocol dat hun content op een digital rights management (DRM)-achtige wijze moet verpakken. Automated Content Access Protocol (ACAP) is een gezamenlijk initiatief van de European Publishers Council, World Association of Newspapers en International Publishers Association. De Nederlandse Uitgeversbond, Vlaamse Dagbladpers en Wolters Kluwer behoren volgens de ACAP-site tot de leden, net als Associated Press, Reuters, Agence-Presse France en de International Federation of Journalists. ACAP is soort meta-tekst die aan derden (lees: nieuwsverzamelingssites) communiceert of ze toegang tot de content hebben en op wat voor manier ze deze mogen gebruiken.

De topman van de World Association of Newspapers, Gavin O’Reilly zegt dat ACAP volledige steun heeft van de Europese Commissie, die zoekmachines zou willen verplichten om content via het ACAP-protocol te indexeren. De vraag is of de Europese Commissie überhaupt wel bevoegd is om dat te doen en zo ja of het wenselijk is.

Hugenholtz: “Er is nooit beleid geweest dat DRM-gebruik heeft voorgeschreven. Dat moeten we vooral zo houden. Anders zal de technische vooruitgang belemmerd kunnen worden.” Een vrijwillige afspraak tussen content providers en zoekmachine-exploitanten om de eerste 24 uur hot news niet doorzoekbaar te maken acht Hugenholtz dan eerder voorstelbaar.

Na meer dan honderd jaar roepen persbureaus weer om auteursrechtelijke bescherming op nieuwsfeiten. Maar nieuwe zakelijke modellen die zijn toegesneden op internet, lijken de journalistiek meer kans van slagen te bieden.

Nog geen reactie — begin de discussie!