jongejournalistDe jonge journalisten van nu zijn geneigd in de slachtofferrol te kruipen. Als het ze niet lukt een goede baan te vinden, geven ze de economische crisis de schuld. Dat is wel een heel makkelijke uitweg, vindt Jisca Cohen.

Ik ontken niet dat de jonge generatie journalisten best een probleem heeft. Want terwijl de ene na de andere krant gedwongen wordt te bezuinigen, neemt het aantal journalisten in Nederland nog altijd toe. De opleidingen journalistiek worden elk jaar overspoeld met aanmeldingen. De ene na de andere universiteit begint een master journalistiek. Terwijl de oude rotten in het vak zo vastgeroest zitten op hun plek dat de jonge honden nauwelijks meer een kans krijgen.

Maar het is wel heel makkelijk om alleen naar de omstandigheden te wijzen. We zouden onszelf ook eens een spiegel kunnen voorhouden en ons eens eerlijk afvragen of we zelf wel alle mogelijkheden inzetten om voet aan de grond te krijgen. Zo hoorde ik onlangs van pas afgestudeerde journalisten die een tweede, onbetaalde (!) stage doen in de hoop dat het grote landelijke dagblad daarna ineens wél een plekje voor ze heeft. Natuurlijk is een tweede stage beter dan niets doen. Maar als je jezelf onbetaald laat inhuren, laat je volgens mij eerder zien dat je een baan bij een groot landelijke dagblad níet waard bent.

Nieuwe hypes
Kortom wij, de jonge honden, zijn zelf gewoon lui en niet doortastend genoeg. Je kunt wel blijven hopen dat er ergens een vacature komt, maar beter is het om zélf het heft in eigen handen te nemen. Er ligt op het wereldwijde web een groot braakliggend terrein te wachten tot de journalistiek het nu eens echt gaat gebruiken. Natuurlijk, er komen steeds meer bloggers, twitteraars en camjo’s (die nog voornamelijk voor internetsites van bestaande media lijken te werken). Maar is het niet juist de taak van ónze generatie om te ontdekken hoe internet definitief een rol kan spelen in de journalistiek? Oftewel, hoe je met internet net zo veel geld kan verdienen als de traditionele media. Want dat op het internet de toekomst ligt, daar hoeven we het niet meer over te hebben.

En zelfs als je toch meer van de oude stempel bent en nou eenmaal het liefst voor papier schrijft, is er meer mogelijk dan je denkt. Leg contacten bij de media waar je zou willen werken. Verzin goede, uitgewerkte en realistische ideeën en overspoel daar de redactiechefs mee. Stuur niet alleen een mailtje, maar bel ook op. Ga er langs om te praten. Wacht niet af tot ze naar jou komen. Doe iets!

De huidige journalistiek krijgt vaak het verwijt allemaal achter elkaar aan te lopen, over dezelfde onderwerpen te berichten en daardoor continu nieuwe hypes te genereren. Journalisten zouden laks en gemakzuchtig zijn, niet achter hun bureau vandaan komen, klagen over tijdgebrek. Laat zien dat je weet hoe het wél moet. Het echte nieuws ligt op straat. Wees nieuwsgierig en ga op ontdekking uit. Zet je af tegen de agendajournalistiek, kopieergedrag en de negen-tot-vijf-mentaliteit.

Het lijkt soms alsof er bij de jonge generatie een algemeen gebrek aan voor een journalist vanzelfsprekende eigenschappen als basale nieuwsgierigheid en engagement heerst. En dat is jammer, want als je wel talent hebt, maar je verschuilt je achter praktische excuusjes, dan kom je dus inderdaad niet aan de bak.

De Nacht van de Journalistiek
Ben jij het niet of juist wél eens met Jisca, en heb je wel degelijk “ballen” kom dan zaterdag 26 september naar de Nacht van de Journalistiek waar we debatteren over deze en andere vragen. ‘Jonge hond’ Thijs Niemantsverdriet, journalist bij Vrij Nederland en winnaar van de Tegel voor talent 2007, geeft een kick-off met een beschouwing op de rol van de jonge generatie in de journalistiek.

Al 33 reacties — discussieer mee!