krantenNaar aanleiding van de Zomerreporter-artikelen van Lex Boon heb ik gesteld dat ik zo tien projecten kan noemen met een positieve tendens, tien projecten waaruit elan blijkt, tien projecten waarover prachtige artikelen kunnen worden geschreven of gefilmd. De tien -toekomstgerichte- projecten die het volgens mij ‘verdienen’ te worden beschreven zijn:

1. International Herald Tribune/Die Welt/Trouw. Belangrijk is de lay-out: daarom zijn kranten als International Herald Tribune, Die Welt en Trouw zo prettig leesbaar. Desalniettemin zijn er veel kranten die een lay-out hebben die belangrijker lijkt te zijn dan de inhoud van de krant; zoals AD en Telegraaf.

2. De Morgen. Het formaat van een krant is van wezenlijk belang. Iedereen in Nederland is het er over eens dat het ideale krantenformaat Berliner is (halverwege broadsheet en tabloid). Het opmerkelijkste voorbeeld van een krant die met het eigen formaat worstelt (omdat Berliner niet mag en kan): de Volkskrant – van maandag tot en met vrijdag een broadsheetkrant met een tweede tabloidkatern dat vlees noch vis is. In het buitenland hebben vele kranten het Berlinerformaat, zoals De Morgen in Vlaanderen. De enige reden waarom het in Nederland niet lukt: de kosten = de aanschaf van een drukpers. Maar als dat werkelijk zo is, waarom kan het in het buitenland dan wel? Wellicht omdat de investeringen zijn gedaan voordat de economische crisis begon.

3. Frankfurter Allgemeine Sonntagszeitung en NZZ am Sonntag. Frankfurter Allgemeine Zeitung en Neue Zürcher Zeitung hebben succesvolle zondagskranten in het leven geroepen terwijl dit in Nederland niet lukt. Ook niet met de inmiddels gesneefde Telegraaf op Zondag. De zondagskrant van De Telegraaf was een krant die niet vergelijkbaar is met de zondagskranten in Engeland, Duitsland en Zwitserland: de omvang van De Telegraaf was een fractie van wat in het buitenland gebruikelijk is. De enige echte zondagskrant in Nederland in de afgelopen decennia is een kort leven beschoren geweest (De Krant op Zondag van Pieter Storms). De betaalde oplage van de FAS sinds 2002, is in de tweede kwartalen resp. 268.000, 278.000, 285.000, 311.000, 315.000, 323.000, 334.000, 344.000. Om precies te zijn: 344.016 in 2009, waarvan 186.976 abonnementen. NZZ am Sonntag is gestart in maart 2002 en heeft nu een oplage van 130.000. De moederkrant, de respectabele want bijna 230-jarige, NZZ heeft een oplage van ongeveer 150.000; het drukken geschiedt eigentijds op drie plaatsen, één in Zwitserland en twee in Duitsland.

4. De Volkskrant digitaal. Succesvol is de Volkskrant met de digitale versie: meer dan 40.000 betalende abonnees. Andere kranten zijn -nog- niet zo succesvol, met uitzondering van kranten als Leeuwarder Courant (13.000) en Dagblad van het Noorden (15.500).

5. NRC Handelsblad + NRC Next. NRC Next lijkt de vernieuwing te bieden die andere krantenuitgevers als voorbeeld kan dienen. De betaalde oplage van de/het NRC (incl. Next en digitaal) was in 2005 (tweede kwartaal) 233.000, de betaalde oplage is in 2009 (tweede kwartaal) 265.000. Een onmiskenbaar sterke stijging.

6. Süddeutsche Zeitung. Een krant die weliswaar regionaal is en in Munchen wordt gemaakt maar de degelijkheid uitstraalt van een landelijke krant en menigmaal de FAZ (de meest gezaghebbende Duitse krant) naar de kroon steekt. Een krant die het financieel moeilijk heeft maar een omvang + kwaliteit weet te bieden die in Nederland niet wordt gerealiseerd.

7. Corriere della Sera. Een krant zoals een krant moet zijn, zowel qua omvang als indeling. Elke dag een forse omvang (minimaal 40 pagina’s broadsheeet). En als landelijke krant met een volwaardig regionaal editiekatern. Over de inhoud worden wel kritische opmerkingen gemaakt – maar de inhoudelijke zwakte hoort -lijkt het wel- bij Italiaanse kranten; met uitzondering van La Repubblica (tabloid).

8. Die Zeit. Niet een krant in de zin van dagblad, maar wel een weekblad op broadsheet-formaat. Een weekblad van een kwaliteit die in Nederland niet voorkomt. En dat alle verhalen logenstraft over oplagedalingen. Die Zeit lijkt het voorbeeld van een weekblad dat tot in lengte van jaren een hoge oplage zal hebben. Verkochte oplage in de tweede kwartalen van 1998 t/m 2009 resp. 459.000, 449.000, 441.000, 438.000, 444.000, 447.000, 472.000, 484.000, 488.000, 492.000, 480.000, 501.000. Dit laatste getal (precies te zijn: 501.524) heeft dus betrekking op het tweede kwartaal van 2009. Opmerkelijk is dat de toename van de betaalde oplage met name te danken is aan het aantal abonnementen: in 1998 bijna 262.000, in 2009 317.500.

9. Het Parool. Te laat voor de serie Zomerreporter 2009: tegen de trend in een stevige betaalde oplagestijging in 2009, tot verbazing van menigeen die bij Het Parool werkt. Ook het aantal advertenties geeft aanleiding tot positieve verwachtingen. Het lijkt het begin van de ‘wederopstanding’.

10. De Standaard. Het formaat (tabloid) is niet het grote pluspunt van De Standaard, verreweg de grootste Vlaamse kwaliteitskrant. Wel de journalistieke benadering van het nieuws. Zo besteedde De Standaard meer aandacht aan de moord op Theo van Gogh dan menige Nederlandse krant. Een doordeweekse Standaard is een feest om te lezen. Een zaterdagse Standaard doet verzuchten: waarom worden Nederlandse kranten niet zo gemaakt?

Al 4 reacties — discussieer mee!