agendaDe media staan door de stormachtige ontwikkelingen in het digitale domein voor radicale keuzes. Samenwerken met de concurrentie is daar een van. Deze aanpak wint nu aarzelend terrein. Op redactioneel niveau zien de eerste combi’s al het licht. Omroepen, kranten, adverteerders en nieuwe mediabedrijven hebben elkaar eveneens gevonden in een project dat zich richt op strategische innovatie, getiteld ‘Designing the Daily Digital’, of kortweg ‘3D’. In de kick-off fase van dit initiatief is door de deelnemende mediaorganisaties, verenigd in de 3D-Stuurgroep, een innovatieagenda opgesteld waarin prioriteiten voor onderzoek en ontwikkeling zijn geformuleerd. En waarover zijn onderling zo verschillende partijen als NDP, NVJ, het Genootschap voor Hoofdredacteuren, de NOS, ROOS, DMP, Immovator en Mediawerkgroep het eens? Hier een overzicht in kort bestek.

Innovatiecultuur stimuleren
Allereerst de urgentie van fundamentele vernieuwing. Als onzekerheid de enige zekerheid is, past een houding van veel uitproberen, leren en introduceren. Op de miraculeuze verschijning van een enkele ‘killer applicatie’ durft geen krant of omroep meer te gokken. Nodig zijn daarom, in de zienswijze van de 3D-Stuurgroep, experimenten met formats, displays en distributievormen, zelfs als dat geen onmiddellijke garantie voor de toekomst biedt. Crossmediale samenwerking is hierbij van cruciaal belang. De logica van de informatiemaatschappij dicteert een andere vormgeving van de journalistieke functie, waarbij medium en platform minder zwaar wegen, en vooral vanuit de inhoud en het gedrag van de mediaconsument wordt gedacht. Dit dwingt partijen in de sector tot opereren vanuit een gemeenschappelijk belang: handhaving van journalistieke kwaliteit in het nieuwe digitale ecosysteem.

In het 3D-project sporen we de barrières voor innovatie op die in de huidige mediacultuur ingebakken zitten, en pogen die te slechten. We werken toe naar een nieuwe journalistieke cultuur die is gericht op samenwerking en netwerken, denken vanuit de vraag en het loslaten van informatiemonopolies. In een toegankelijk praktijklab voor innovatie wordt samengewerkt door grote en kleine bedrijven, door zowel publieke als private partijen.

Nieuwe businessmodellen definiëren
Tijdens de recente studiedag van Dutch Media Professionals is het nogmaals beklemtoond: mits met open geest benaderd, zijn er ook in het internettijdperk wegen om informatie te gelde te maken. In het 3D-project worden bruikbare verdienconcepten en betaalstructuren voor digitale content nader onderzocht. De financiële voordelen die zijn te behalen met digitale distributie worden berekend en de mogelijke risico’s van het vrijgeven en delen van content in kaart gebracht.

Denken vanuit gebruikers
Toekomstvaste media zijn gebaseerd op goed en gedetailleerd inzicht in gebruikersgedrag dat doorvertaald kan worden naar crossmediale concepten, gepersonaliseerde content en ‘targeted advertising’. Onderzocht moet worden wat de impact is van veranderingen aan de gebruikerskant (denk aan burgerjournalistiek en kennisdeling in sociale netwerken) voor journalisten en hun professionele rol. ‘User-centred design’ is daarom de logica die ten grondslag ligt aan veel 3D-initiatieven.

Benutten van kansrijke technologische innovaties
Het 3D-project besteedt veel aandacht aan het signaleren en analyseren van relevante ontwikkelingen op het gebied van bijvoorbeeld papiervervangende distributie, convergentie van platforms en het inzetten van slimme zoektechnologie (web 3.0, semantisch web, smart agents) en onderzoekt die trends en producten op hun toepasbaarheid. Netbooks zijn er al in overvloed, bruikbare e-readers komen eraan en iPhone-applicaties overspoelen de markt. Maar de media kunnen er nauwelijks mee uit de voeten. Dat zou snel moeten veranderen.

Opheffen van de beperkingen in wet- en regelgeving
Het juridisch kader voor innovatie knelt en frustreert de omslag naar digitale informatieverstrekking. Sommige knelpunten zijn specifiek Nederlands (de Mediawet), andere vloeien voort uit de huidige Europese wetgeving of het algemeen geaccepteerde auteursrecht. Suggesties voor aanpassing van de Nederlandse context zullen vanuit 3D worden geformuleerd. Maar ook de vraag wat zinvolle en bereikbare alternatieven zijn komt aan de orde, bijvoorbeeld tijdelijke vrijstellingen voor experimenten.

Opnieuw vormgeven van de journalistiek als publieke functie
Een minder evident maar uiteindelijk cruciaal gemeenschappelijke belang van de aan 3D deelnemende media is het overeind houden van de onafhankelijke journalistiek, een van de belangrijkste ‘checks & balances’ in de democratische rechtsorde. In het project zoeken we naar nieuwe manieren om die functie vorm en inhoud te geven in een medialandschap waarin de legitimiteit en relevantie van media volop ter discussie staat.

In de komende twee jaar zullen deze zes agendapunten in ieder geval in het 3D-project verder worden geconcretiseerd en in overleg met projectdeelnemers in praktijk gebracht. De breed gedragen innovatieagenda voor de Nederlandse media biedt eveneens een uitstekend aanknopingspunt voor besteding van de nu vrijgekomen ‘Plasterk-middelen’. Daarmee wordt voorkomen dat energie en steunfondsen versnipperd raken over een reeks partijen, initiatieven en thema’s en zo hun effect goeddeels missen. Uiteindelijk kan een in overleg vastgestelde en uitgewerkte innovatieagenda het mandaat zijn voor een open media-innovatieplatform waarop alle vernieuwingskracht, binnen en buiten de gevestigde media, een beroep kan doen.

De komende dagen verschijnen er op De Nieuwe Reporter reacties op dit artikel van Thomas Bruning (NVJ), Erik van Heeswijk (VPRO), Roeland Stekelenburg (NOS) en Bart Brouwers (Webregio.nl).

Binnenkort vinden er twee workshops plaats onder de vlag van het 3D-project: ‘Apps, apps, nieuwsconsumptie op de mobiele telefoon‘ (24 februari) en ‘Nieuwe manieren van nieuwsproductie 1; de verkenning‘ (5 maart).

Al 5 reacties — discussieer mee!