Afbeelding 2Reporters without Borders geeft sinds 2002 een overzicht van de persvrijheid in een groot aantal landen in de wereld. Deze Worldwide Press Freedom Index staat bekend als dé barometer van persvrijheid. Journalistieke onafhankelijkheid wordt gemeten op basis van moorden of arrestaties van journalisten, censuur, staatsmonopolies, regulering van media en dergelijke. Nederland prijkt al sinds het bestaan van de index bovenaan de lijst. En daar zijn we trots op.

Desondanks kunnen we ons afvragen of de manier waarop Reporters without Borders deze lijst samenstelt wel de volledigheid weergeeft. De vragen die Reporters without Borders stelt, hebben immers allemaal betrekking op de mate van politiek repressie in een land en dus op de mate waarin de pers politiek onafhankelijk kan opereren. En uiteraard is dat de basis van persvrijheid. In landen waar de pers politiek vrij is, functioneert de onafhankelijke journalistiek feitelijk als de vierde pijler van de trias politica. Want het zijn de journalisten die permanent onderzoeken of het systeem van checks and balances nog wel goed functioneert. Zo kunnen de burgers rustig slapen in de wetenschap dat anderen hun kritische ogen en oren openhouden als de wetgevende, de uitvoerende en de controlerende machten aan het woord zijn. Een vrije pers zorgt ervoor dat de politieke, maatschappelijke en economische leiders minder gemakkelijk misbruik kunnen maken van hun macht, zouden ze dat willen.

Inmiddels echter moeten we constateren dat we die persvrijheid niet uitsluitend meer kunnen meten op basis van politieke vrijheid. Zonder politieke vrijheid kan er geen vrije pers bestaan. Maar ook mét politieke vrijheid kan de pers nog steeds in zijn vrijheid beperkt worden. Nu door adverteerders.

Invloed op de redactionele ruimte
Zeker in tijden van economische recessie proberen steeds meer adverteerders hun financiële macht te gebruiken om invloed uit te oefenen op de redactionele ruimte. Dreigen om contracten te verbreken en het tijdelijk stopzetten van contracten als de publiciteit een adverteerder niet bevalt, is aan de orde van de dag. Net als het afspreken van positieve media-aandacht als onderdeel van een adverteerdercontract. Sommige redacties zwichten ervoor. En de wereld lijkt zijn schouders erover op te halen.

Dat is echter levensgevaarlijk. Want waarom lopen we wel te hoop tegen overheden die hun macht gebruiken om de journalistiek onder druk te zetten, maar niet tegen bedrijven die datzelfde doen? Nederlanders hebben gemakkelijk een grote mond over de misstanden in andere landen waar het dit soort onafhankelijkheid betreft, terwijl de glijdende schaal in eigen land met de mantel der liefde wordt bedekt. Dat moet anders. Naast de index van Reporters without Borders zou er voor de twintig landen die bovenaan die index prijken, een tweede index gemaakt moeten worden. Een index die aangeeft in hoeverre de journalistiek in deze landen ook vrij is van financiële druk uit het bedrijfsleven. Pas dan weten we hoe vrij en onafhankelijk de journalistiek in een land werkelijk is.

Al 6 reacties — discussieer mee!