twitterDe afgelopen weken heeft een aantal journalisten zijn activiteiten op Twitter met ontslag moeten bekopen. Octavia Nasr, senior-redacteur Midden-Oosten bij CNN, gaf in een tweet blijk van haar respect voor een overleden kopstuk van Hezbollah. Naar het oordeel van haar werkgever had zij daarmee haar geloofwaardigheid als onafhankelijk journalist te grabbel gegooid.

Ook Cornald Maas is één van zijn baantjes kwijt. We zullen hem niet meer horen als commentator bij het Eurovisiesongfestival. De TROS vindt dat hij te ver is gegaan met zijn tweet van de navolgende inhoud: “Grappige exportproducten heeft Nederland: Sieneke, Joran van der Sloot, de PVV.”

En Sebastian Wolf hoeft geen programma’s meer te maken voor RTV MIdden Brabant, nadat hij zich in een tweet kritisch had uitgelaten over zijn werkgever.

Twitteren is niet zonder gevaar voor journalisten, zo blijkt. Het kan je kennelijk je baan kosten. Tegelijkertijd worden veel journalisten door hun werkgever juist aangemoedigd om ook social media als publicatiemiddel te gebruiken. Dus is het interessant om te onderzoeken, waar in dit voor journalisten nieuwe terrein de gevaren schuilen.

Ironie
Laten we voorop stellen dat journalisten moeten worden geacht te kunnen omgaan met de (semi-)openbaarheid van Twitter. Mogelijk kan bij “gewone mensen” nog wel als excuus gelden dat zij zich onvoldoende realiseren dat een tweet iets anders is dan een observatie of een opmerking in kleine kring (zoals thuis of in het café). Naar mijn idee kunnen en moeten journalisten uit hoofde van hun functie zich er van bewust zijn dat een tweet net zo zeer een publicatie is als een bericht op een site of een stukkie in de krant. En het afschermen van tweets is natuurlijk geen optie, wanneer je Twitter wilt inzetten als één van de outlets voor je informatie.

Octavia Nasr beroept zich dan ook niet op haar onbekendheid met het medium Twitter als zodanig. Wel zegt ze in een reactie op haar ontslag: “a good lesson on why 140 characters should not be used to comment on controversial or sensitive issues”. Dat lijkt mij helder: een bericht van 140 tekens leent zich niet voor een genuanceerde uiteenzetting over de situatie in het Midden-Oosten. En wie zich – zoals Cornald Maas – van de riskante stijlfiguur van de ironie bedient loopt de kwade kans niet begrepen te worden. Een twitterende journalist moet op dit punt over een zekere nozelheid beschikken, zodat hij niet op zijn gezicht gaat.

Natuurlijk moet je ook waken voor “mediumonafhankelijke” missers. Uitlatingen, waarvan je de gevolgen voor je kiezen krijgt, via welk medium je ze ook doet. Zo moet ook een journalist zich bij voorbeeld gedragen als een goed werknemer. Dus geen bedrijfsgeheimen naar buiten brengen, niet publiekelijk deloyaal zijn aan je werknemer en deze niet in diskrediet. Wellicht was dat bij RTV MIdden Brabant aan de hand. En ook nooit goed: dingen schrijven, die jegens anderen onrechtmatig zijn of strafrechtelijk niet door de beugel kunnen. Dat wisten we echter al toen Twitter nog moest worden uitgevonden.

Binge-drinking
Maar bij Twitter is er meer. Brian Whitaker, journalist in dienst van guardian.co.uk: “Tweets, by their very nature, are short and written in haste – often without much forethought – but it’s not just the lack of scope for nuance that can lead to embarrassment. If you are soberly analysing world politics one minute and then posting notes on Twitter that you’ve just spent an evening binge-drinking with contacts, what are people going to think?” Volgens Whitaker schuilt het gevaar dus niet alleen in de onmogelijkheid om genuanceerd te werk te gaan, wanneer je iets snel en in weinig woorden moet zeggen. Maar ook in de inhoud van een tweet als zodanig en in het beeld, dat er van je ontstaat door wat je – in al z’n ongenuanceerdheid – zegt. Of misschien beter gezegd: wat er resteert van het beeld, dat men van je had als journalist, totdat je los ging op Twitter.

Dat is een interessant punt. Tweets hebben veelal een persoonlijk tintje doordat iemand prijsgeeft, waar hij zich op dat moment bevindt, met wie en/of wat hij aan het doen is. Dat is de essentie van Twitter. Ook de tweets van journalisten zijn vaak persoonlijke ontboezemingen. Een berichtje over iets dat niet direct met je werk te maken heeft of juist wat achtergronden geeft bij je werk. Een observatie, die gepaard gaat met een mening over hetgeen gesignaleerd wordt. Of een berichtgever, die geen weerstand kan bieden aan een opkomende neiging tot lolligheid. Is dat soms, wat we niet gewend zijn van journalisten? Behalve dan in de vrijstaatjes, die ieder medium creëert voor een select gezelschap van columnisten?

Als dat zo is, wordt het tijd om ons beeld van journalisten bij te stellen. Dacht de directie van CNN nu echt dat Octavia Nasr geen enkele mening zou hebben over het conflict in het Midden-Oosten, waarover zij al jarenlang verslag doet? Had de directie van de TROS nu echt het idee dat Cornald Maas geheel verstoken was van gevoelens met betrekking tot “Sha-la-lie”? Dat zou dan weer op hun beurt niet erg nozel zijn.

Eigenaardigheden
Wat ik bedoel te zeggen is dat journalistiek gebruik van Twitter (of: het gebruik van Twitter door journalisten) gezien moet worden in de context van dat medium zelf. Naar zijn aard nodigt Twitter de gebruiker uit om de (de beperkte, want dus slechts 140 tekens tellende) ruimte te vullen met persoonlijke noties. De werkgever, die zijn journalisten toestaat of zelfs aanmoedigt om van Twitter gebruik te maken, moet ook de eigenaardigheden van dat medium accepteren. Dat deel van het veld kan dus door de uitgevers en de omroepbonzen beter toegankelijk worden gemaakt voor journalisten. En die moeten daar niet te kleinzielig in zijn. Ondertussen kan het publiek er aan wennen dat journalisten net mensen zijn. Met meningen, gevoelens en soorten van humor.

Samengevat: voor een deel kunnen de gevaren van Twitter dus door de journalist zelf worden ondervangen. Bezint eer ge tweet, is het devies. Van de andere kant moeten uitgevers en omroepbazen inzien dat journalistiek twitteren wat anders is dan met de pen iets beschrijven of met de camera vastleggen. Bezint eer ge ontslaat, is voor hen het devies. Journalisten en uitgevers/omroepbazen zijn er dus samen verantwoordelijk voor, dat Twitter geen slagveld wordt.

Al 6 reacties — discussieer mee!