vergrootglas_&_krantSerie: Journalistiek onderzoek onderzocht (7, slot)

De afgelopen twee weken is op De Nieuwe Reporter gedebatteerd over het onderzoek dat in Nederland wordt gedaan naar de journalistiek. Aanleiding was een symposium op 12 november dat plaats vond naar aanleiding van een inventarisatie die de mediawetenschappers Kees Brants en Peter Vasterman hebben gemaakt van het onderzoek dat in Nederland gedaan wordt naar de journalistiek. In de laatste aflevering van de serie blikken zij terug op het debat en trekken een aantal conclusies.

Onze conferentie over journalism studies in Nederland, naar aanleiding van het themanummer van het Tijdschrift voor Communicatiewetenschap heeft veel onderwerpen en thema’s opgeleverd die verder verkend zouden moeten worden. De journalistiek wordt vaak een gebrek aan zelfreflectie verweten, maar de wetenschap blinkt ook niet uit in kritische zelfevaluatie. Daar lijkt nu verandering in te komen gezien de grote belangstelling voor deze conferentie en de discussiebijdragen op De Nieuwe Reporter.

Een van de discussies had betrekking op het doel van journalism studies en dan met name de relevantie voor de beroepspraktijk. Henk Blanken (Dagblad van het Noorden) ging in zijn bijdrage opDe Nieuwe Reporter zelfs zo ver om het “redden van de systeemjournalistiek” tot hoofdvraag van het vakgebied te benoemen: “de maat der dingen, doel en missie van de opdracht van de journalistiek wetenschap.”

Volgens Piet Bakker is er volop onderzoek beschikbaar, maar is het meeste behoorlijk ontoegankelijk en hebben journalisten en uitgevers geen belangstelling voor onderzoek, omdat ze alleen maar op zoek zijn naar kant-en-klare recepten voor nieuw verdienmodellen.

Maatschappelijke relevantie
Het lijkt ons zinvol om als onderzoekers af en toe in discussie te gaan met de beroepspraktijk over onderzoeksthema’s. Dat betekent zeker niet dat journalism studies zich zou moeten beperken tot datgene wat direct relevant is voor de journalistiek. De maatschappelijke relevantie van de wetenschap kan zich niet beperken tot het object van onderzoek. Niet alleen vormt wetenschap een doel in zichzelf, maar ook voor veel mensen buiten de journalistiek zijn wetenschappelijke inzichten in het maatschappelijk functioneren van de journalistieke media van belang. Of het nu gaat om openbaar bestuur, crisiscommunicatie of NGO’s, overal is grote belangstelling voor onderzoek over de media, misschien nog wel meer dan in de journalistiek zelf.

En dan is er nog het publiek: wat betekent het enorme succes van het boek Het zijn net mensen van Joris Luyendijk? Waarin overigens hetzelfde stond als in al die tientallen onderzoeken over framing in de Midden-Oosten berichtgeving die het afgelopen decennium zijn verricht. En dan is er nog zijn afgelopen woensdag gepubliceerde antropologische rapportage over de wereld van Nieuwspoort. Blijkbaar zijn er honderdduizenden mensen die graag meer willen weten over wat zich achter de schermen van het nieuws afspeelt. Dat betekent dat journalistiek onderzoekers meer zouden moeten doen aan het populariseren van hun kennis en inzichten.

Een aantal voorstellen
Hoe zouden we verder kunnen gaan met dit initiatief? We doen hier een aantal voorstellen, deels in lijn met de ideeën van Piet Bakker in zijn bijdrage.

Voor het zinnig verspreiden van kennis over de journalistiek is allereerst een regelmatige inventarisatie en publicatie van onderzoek noodzakelijk. Dat kan in de vorm van een website met daarop een overzicht van alle onderzoekers, publicaties, adviesrapporten, etc., in een vaste rubriek in het Tijdschrift voor Communicatiewetenschap of door een overzichtsartikel in De Nieuwe Pers aan het einde van het jaar.

Een dergelijke inventarisatie zou ook een voorwaarde zijn voor:

  1. Onderzoeksreview: een jaarlijkse bijeenkomst waarin journalisten het onderzoek van het afgelopen jaar bespreken. Peer review dus, maar dan door journalisten; een vorm van wetenschappelijke verantwoording na een kritische reflectie op de productie van een jaar of een aantal opmerkelijke onderzoeksartikelen.
  2. Verder denken we aan thematische bijeenkomsten voor onderzoekers en journalisten. Bijvoorbeeld:
    • een sessie over het thema ‘Wilders en de media’. Het zou een goede aanleiding zijn om al het onderzoek dat hierover de afgelopen jaren verricht is (ook door studenten), te inventariseren, kritisch te bespreken en op z’n waarde te schatten.
    • een bijeenkomst over innovaties in de journalistiek: door technologische ontwikkelingen, in stijl en vorm, en de gevolgen voor inhoud en waardering.
    • een bijeenkomst over het onderzoek van Irene Costera Meijer naar de kwaliteit en responsiviteit van nieuwsmedia, in de journalistiek zonder meer de meest invloedrijke onderzoeker.
    • een bijeenkomst over het verloop van het nieuwsproces aan de hand van een casus, waarin alle betrokkenen – bronnen, ‘slachtoffers’, voorlichters, geïnterviewden, etc. – hun licht laten schijnen op het verloop en het resultaat van dit proces.
  3. Sessies voor onderzoekers (maar mogelijk ook voor journalisten) over onderzoeksmethoden en strategieën:
    • De ‘kloof’ tussen de geesteswetenschappelijke en de sociaalwetenschappelijke benadering (kwantitatief/kwalitatief). Bijvoorbeeld een debat over de kwantitatieve benadering van de Nieuwsmonitor versus de discoursanalytische benadering van historisch onderzoek.
    • Mogelijkheden en beperkingen van toegepast onderzoek (al dan niet in opdracht van), de verschillende benaderingen van praktijkgericht versus wetenschappelijk onderzoek, het mogelijke verschil in ‘bruikbaarheid’ van een en ander voor de beroepspraktijk, opdrachtgevers, het publiek.

En zo zouden we nog even door kunnen gaan. Wil je op onze mailinglist, mail dan even naar vasterman@uva.nl (dat geldt niet voor onderzoekers die aan ons onderzoek hebben meegewerkt en de deelnemers aan de conferentie).

Andere afleveringen van de serie ‘journalistiek onderzoek onderzocht’

Al één reactie — discussieer mee!