2In het kader van ‘Het Vergeten Verhaal’ vindt vanavond het debat ‘Sociale media, zorg of zegen voor het verhaal?’ plaats. Maar wat als je in een bos op vijf dagen loopafstand van de dichtstbijzijnde weg woont, niet kan lezen of schrijven en geen internetverbinding hebt? En toch heel wat met de wereld te delen hebt? In het de Oost-Indiase tribale Gundwana-regio biedt het platform CGnet Sware (stem) uitkomst. Gemiddeld 50 dorpelingen per dag bellen met het telefoonnummer van de organisatie. Via dit nummer kunnen ze hun eigen verhalen wereldkundig maken door berichten in te spreken, of op de hoogte blijven van andere gebeurtenissen door andermans berichten in hun lokale talen afluisteren.

Op 12 juli berichtte Bhan Sahu uit het dorp Rajnandgaon via CGnet Swara dat mensen al vier maanden niet uitbetaald krijgen voor arbeid onder het NREGA-overheidsprogramma voor gegarandeerde werkgelegenheid. Juist nu de zomer aan zijn einde kwam en de boeren geld nodig hadden om te zaaien en hun kinderen naar school te sturen. Op 5 september sprak ze weer een bericht in. Mensen uit het hele gebied kregen nog altijd niet betaald, en werden wanhopig.
In dezelfde periode begonnen inwoners van andere dorpen op haar berichten te reageren met soortgelijke klachten. Op dat moment kreeg journalist Aman Sethi van de nationale Engelstalige krant The Hindu interesse in het verhaal. Samen met Bhan Sahu reisde hij af naar het gebied en trof daar de situatie aan zoals zij het had beschreven. Ten minste duizend mensen kregen geen geld voor hun arbeid. Toen hij de authoriteiten in Chhattisgarh’s hoofdstad Raipur om uitleg vroeg, werden de meeste mensen ineens uitbetaald.

Zo was in een klap de situatie verbeterd, terwijl een van India’s meest arme en afgelegen gebieden nationale aandacht kreeg en een ambiteuze journalist een verhaal over nalatigheid en corruptie binnen de overheid.

Communicatieprobleem
“Het is niet makkelijk reizen in Chhattisgarh”, zegt journalist Aman Sethi, die in de hoofdstad van de deelstaat, Raipur, woont. “Het wegennetwerk is erg beperkt. Vanuit Raipur kan het wel vier dagen reizen zijn naar een bepaald dorp. ” Hier ligt de meerwaarde van CGnet, zegt hij. “De berichten kunnen goede tips voor verhalen geven. Natuurlijk moet ik als journalist voorzichtig zijn en de verhalen met eigen onderzoek ondersteunen. Maar er staat zelden onzin tussen en sommige berichten zijn een reis naar afgelegen gebied waard.”

“Vanuit een journalistiek perspectief, krijgen we meer gebalanceerd nieuws uit Chhattisgarh door CGnet Swara”, zegt Shubranshu Choudhary, een voormalig journalist die de service begin dit jaar lanceerde. “Eerder kregen we slechts één versie te horen, namelijk die van de politie. Nu vertellen mensen uit moeilijk bereikbare dorpen ons hun kant van het verhaal.”

Juist in Chhattisgarh is dit belangrijk, zegt Choudhary. Militante maoïsten hebben veel invloed in deze regio. Sommige districten zijn zelfs volledig aan de controle van de overheid ontsnapt. “Er is nooit veel communicatie geweest tussen de tribale bevolking en het reguliere India of de media. Hierdoor zijn hun problemen niet besproken, begrepen of aangepakt en zijn ze naar de maoïsten gestapt, die bij hen wonen, hun taal spreken en wel naar hun problemen luisteren.”

Ook bericht de nationale media ongenuanceerd over de maoïsten, aldus Choudhary. “Soms lees je in een nieuwsbericht over een aanval van honderden maoïsten. Maar als je tijd in Chhattisgarh doorbrengt, dan weet je dat 90 procent van deze ‘maoïsten’ gewone tribale dorpelingen zijn die helemaal niet snappen van communisme betekent, laat staan maoïsme. Deze strijd is dus niet zozeer een maoïstisch probleem, maar een communicatieprobleem. Dit proberen we met CGnet Swara op te lossen.”

Falende media
Dat de andere media gefaald heeft, komt volgens Choudhary door taal en onderwerpskeuze. Vooral onder de tribale bevolking is de geletterdheid laag, dus kranten worden over het algemeen niet gelezen. All India Radio heeft een monopolie op nieuws, legt de nadruk op nationale onderwerpen en geniet als overheidsstation weinig vertrouwen, zegt Choudhary. Bovendien is de verslaggeving, net als die van de BBC, alleen in het Hindi en niet in lokale tribale talen. Dat terwijl Gondi, bijvoorbeeld, volgens de laatste census door 2.7 miljoen mensen wordt gesproken.

Om soortgelijke redenen geldt volgens Sethi dat andere media beperkt zijn als journalistieke informatiebron. “De lokale kranten hebben geen enkele adavasi – [lid van oorspronkelijke stam] in dienst. Daardoor melden ze zelden iets over zaken die in de tribale gemeenschappen spelen.”

Mobiele telefoons
“Het mobiele telefoongebruik neemt juist snel toe,” vertelt Choudhary. “Bijna ieder dorp heeft tenminste één mobieltje. Ik realiseerde me dat dit de enige manier is voor nieuwsuitwisseling in deze regio.” Een dorpeling moest eens op een berg in een boom klimmen om een telefoontje naar CGnet Swara te kunnen plegen, maar ondanks het slechte telefoonbereik neemt het gebruik van de service toe, zegt hij.

De onderwerpen op CGnet verschillen van kritiek op kinderarbeid en industrialisatie tot gedichten en lokale muziek. Medewerkers vertalen elk bericht in vier lokale talen – Hindi, Chhattisgarhi, Kurruk en Gondi. Er is ook een website waarop de berichten in tekst- en audiovorm worden gezet, soms zelfs in het Engels, voor de geïnteresseerde stadsbewoners, ngo-medewerkers en natuurlijk journalisten.

De techniek is nog erg beperkt, maar met hulp van het Massachusetts Institute of Technology (MIT) in de Verenigde Staten wordt er gewerkt aan verdere ontwikkeling, zegt Choudhary. “In de nabije toekomst moet het een soort van zoekmachine worden, zodat via het nummer berichten gezocht kan wodren op datum of onderwerp.”

Om te voorkomen dat de maoïsten misbruik van CGnet maken voor propagandadoeleinden, en om de betrouwbaarheid van de informatie te waarborgen, controleren medewerkers van het platform elk ingesproken bericht voordat het wordt vrijgegeven. Hiervoor zijn dertig dorpelingen met basis journalistieke vaardigheden opgeleid.

Zij promoten het platform ook en leren andere dorpelingen hoe ze er gebruik van kunnen maken.

Bedreigingen
Toch wordt het CGnet niet makkelijk gemaakt door de autoriteiten. In een paar maanden tijd heeft het platform twee keer van server moeten veranderen. Hiermee kwam steeds een nieuw telefoonnummer, waarvan niet alle gebruikers op de hoogte konden worden gesteld, omdat CGnet hun telefoonnummers niet kent. Choudhary: “Voor de veiligheid en het vertrouwen van de burgerjournalist, vonden we het belangrijk dat zij de keus hebben om anoniem te blijven. Ons systeem was dus zo, dat zelfs als de politie onze software in beslag zou nemen, zij niet de telefoonnummers van onze gebruikers kunnen achterhalen.”

Dat dit geen overdreven maatregel is, suggereerde een hooggeplaatste politiefunctionaris, die het Franse persbureau AFP in mei op voorwaarde van anonimiteit toevertrouwde: “We kunnen een los kanon als deze service niet toestaan in een staat die met rebellen in oorlog is.”

Een tweede uitdaging voor de toekomst is echter, zoals gewoonlijk, geld. Een telefoontje kost 15 eurocent, erg duur voor een Indiase dorpeling. Daarom bestaat nu de mogelijkheid om de telefoon alleen over te laten gaan en automatisch teruggebeld te worden. CGnet kan de telefoonkosten op zich nemen, dankzij een beurs van het Internationale Centrum voor Journalisten. “Maar hiervoor hebben we het nummer van de beller nodig. Dus nu maken we duidelijk dat als mensen met gevoelige informatie bellen, ze dit niet via hun eigen nummer moeten doen”, zegt Choudhary.

“Als we het de tijd voor ontwikkeling geven, kan Cgnet in de toekomst nog veel nuttiger worden”, denkt Sethi. “Ik bekijk het nu misschien een keer per week. Dit is ook omdat ik veel reis en niet altijd een goede verbinding heb. Ik kijk het liefst via internet, omdat je dan een stuk sneller door alle onderwerpen kunt gaan. Het is niet mijn primaire informatiebron. Maar als het er niet meer zou zijn, zou ik CGnet zeker missen.”

1

Foto’s: Sakhi (Bekijk voor meer foto’s over de door CGnet georganiseerde Citizen Journalism Workshops haar Flickr-account)

Nog geen reactie — begin de discussie!