Van Bulgarije treinde zomerreporter Gemma vol plannen terug naar West-Europa voor een verhaal over non-profit organisaties (ngo’s) die specialistisch nieuws maken. Maar grote namen als Reporters Sans Frontiers in Parijs, de UNHCR in Geneve, en de medische ngo Emergency in Milaan hadden geen tijd of interesse voor een afspraak. Ze eindigde bij de uit de kluiten gewassen linkse radiozender Radio Onda d’Urto in Italië. Deze zender bleek net als alle ngo’s eenzelfde, nieuwe functie in de media te vervullen: het vullen van de gaten die krimpende traditionele mediagroepen achterlaten.

Met een stevige basis in de radicale Italiaanse jaren tachtig, zie je ze nog steeds veel in Italië: lokale linkse radiozenders die opkomen voor het sociale belang en tegen de georganiseerde misdaad en rechtse politiek ageren. Op Sicilië is de radiostudi van een antimaffia radio al twee keer door de maffia bestormd. En verspreid over Italië tref je diverse radicale – in de woorden van een bevriende Italiaanse journalist – ‘very very left-wing’ radiozenders.

Ik reis naar de studio van de ooit extreem linkse radiozender Radio Onda d’Urto (Shockwave radio) in een achterafstraatje in Brescia. Voor het eerst deze reis werk ik met een vertaler, de Italiaanse journalist Massimiliano Santalucia. Hij vertelt me dat de radio in de jaren tachtig begon als een platform voor protesten tegen kernenergie in Italië niet lang na de kernramp bij Tsjernobyl in 1986. Daarna werden op deze radiozender vooral alternatieve ideologieën gepropagandeerd.

Oprichter van Radio Onda d'Urto Umberto Gobbi aan het werk

Twintig jaar later lijkt de radio het extreem linkse imago van zich af te hebben geschud. De zender die grotendeels draait op vrijwilligers is volgens oprichter Umberto Gobbi ‘volwassen en internationaler geworden’. Het doel van de radiomakers is het bieden van nieuws en analyses over maatschappelijke onderwerpen waar grote media vaak aan voorbij gaan, zoals de vluchtelingenproblematiek, het milieu en kunst en cultuur. Alleen dan niet als journalisten.

“We claimen niet journalist te zijn”, zegt Gobbi in het kleine studiootje waar verschoten portretten van Karl Marx and Che Guevara verscholen achter stapels papier in de boekenkast staan. “Hoewel we niet langer radicaal propaganda maken voor links politieke stromingen, staan we vaak aan de kant van de gedeputeerden waarover we berichten. Daarom zijn we nog steeds militanten.”

Nieuwe kracht

Maar juist het feit dat ze de gedeputeerden of demonstraten steunen, lijkt een nieuwe kracht te zijn in een nieuwstijdperk waarin de stem van diegene die het dichtst bij de brandhaard zit, zo graag gehoord wordt. Denk maar aan de nieuwscuratoren van het Ierse initiatief Storyful die het credo hebben dat ‘er is altijd iemand dichter bij het nieuws’.

Tijdens de volksprotesten in Noord-Afrika begin dit jaar schakelde de radio haar netwerk van Italiaanse immigranten in, die ze kenden door hun eigen verslaggeving over vluchtelingen in Italië. Families en vrienden van de migranten in Noord-Afrika brachten nieuws vanuit het hart van de protesten. Sommige waren daar journalist, anderen niet.

Gobbi: “Toen de situatie op het Tahrir plein in Cairo in Egypte te gespannen werd, trok de Italiaanse pers zich terug. Radio Onda d’Urto bleef doorgaan met live radio door de talloze mensen die via de migranten in waren geschakeld.”

De Afrikaanse migranten die in Italië verbleven discussieerden met professoren van de universiteit over de gebeurtenissen op de radiozender om de berichten uit Noord-Afrika in perspectief te plaatsen.

Bemiddelaar

De radio verzorgde vorig jaar een urenlange live-uitzending over de actie van vier vluchtelingen die in Brescia op een kraan waren geklommen uit protest tegen hun dreigende uitzetting. De radio – overigens geen initiator van de protesten zelf – kreeg een nieuwe rol toebedeeld: die van bemiddelaar tussen politie, vluchtelingen en pers. Omdat de radiomakers door hun betrokkenheid een vertrouwensband met de vluchtelingen hadden opgebouwd en dus beter toegang hadden, konden zij deze partijen van informatie voorzien.

Voor nieuws en achtergronden uit conflictgebieden zoals Afghanistan werkt de radiozender vaak samen met de Italiaanse ngo Emergency. Emergency, die slachtoffers van natuurrampen en oorlogen medische hulp biedt.

Deze ngo heeft hetzelfde gat in de nieuwsmarkt ontdekt: zij maken gebruik van het netwerk en de kennis die ze in de conflictgebieden hebben opgebouwd. Diplomaten, journalisten en ngo-werkers gaan samen met de medische staf het veld in om verslag te doen van wat er gebeurt. Ze voorzien de artikelen van een achtergrond en publiceren dagelijks in de krant the Peacereporter

Grote media met geldtekort

Steeds meer ngo’s doen hetzelfde. Human Right Watch heeft radiomakers in het veld en Médecins Sans Frontieres maakt fotoreportages. Het vluchtelingendepartement UNHCR (United Nations High Commissioner for Refugees) van de Verenigde Naties (VN) heeft naar eigen zeggen zelfs een ‘totaal onafhankelijke’ videonieuwsservice.

Eerder dit jaar sprak ik in Londen met UNHCR – journalisten Edith Champagne, die medeverantwoordelijk is voor de videoproductie en Andrew Purvis, hoofd videomedia, waar ze me vertelden over hun werk.

Champagne: “Grote kranten en televisiekanalen hebben steeds minder geld om correspondenten naar conflictgebieden te sturen om verslag te doen. En daarbij is het ook nog eens lastig om toegang te krijgen. De VN heeft duizenden foto’s en video’s in het archief en de apparatuur om ter plekke reportages te maken.”

Still van het UNHCR mediaproject Storytelling

De journalisten maken videoreportages om de vluchtelingenproblematiek zichtbaarder te maken, en bieden traditionele media hun reportages in hapklare brokken aan. Champagne benadrukt dat de nieuwsdiensten van andere VN-bureaus een breder mandaat hebben, waar fondsenwerving en promotie vaak bij zijn inbegrepen, maar dat de UNHCR – nieuwsservice daar los van gezien moet worden. Een mooi voorbeeld wat de UNHCR in samenwerking met freelance journalisten heeft geproduceerd is zijn de reportages over het leven van vluchtelingen in het project Storytelling.

Journalist Andrew Purvis kan bij de UNHCR zijn werk als journalist nog prima doen, meent hij. “Je houdt je aan dezelfde journalistieke waarden, maar bericht over een specifiek onderwerp: de vluchtelingenproblematiek.”

Dat was precies de reden waarom ik geen bezoek aan het hoofdkantoor van de nieuwsservice in Geneve kon brengen: ze voelen zich teveel professioneel journalist en zagen de link met het thema ‘journalistiek zonder traditionele journalisten’ dan ook niet.

Hoewel de link misschien vergezocht lijkt, de ngo’s en de lokale radiozender beginnen beiden de gaten die krimpende traditionele nieuwsploegen achterlaten, op te vullen. Het is aan die traditionele nieuwsploegen om het allemaal nog even bij te plamuren als deze berichtgeving niet vrij is van enige ideologie en belangen.

Het werken met een vertaler in een lang interview was lastig – onnozel knik je de helft van de tijd instemmend op iets waar je geen woord van verstaat en het voelt alsof je er voor spek en bonen bijzit. In het laatste land dat ik bezoek, Spanje, ga ik in het geval van een taalbarrière weer over op post-its met krabbels en grafiekjes en gebarentaal. In Madrid ontmoet ik diverse mediamakers die werken in de communitymedia, waar op innovatieve maar ook lachwekkende manieren nieuws wordt geproduceerd.

 

Zo leg je journalistiek in een andere taal uit

Volgende week de laatste halte van zomerreporter Gemma: Spanje.

Zomerreporter 2011 weergeven op een grotere kaart

Nog geen reactie — begin de discussie!