Welke medisch specialist zou niet de straat op willen gaan om te strijden voor zijn recht om mensen beter te maken? Welke advocaat zou niet willen knokken voor zijn taak om de hulpelozen te verdedigen? En dus: ja, het klinkt prachtig als journalisten actie voeren om “het voortbestaan van onafhankelijke en gerespecteerde journalistiek” te redden. Want dat is precies wat dagbladjournalisten dezer dagen zeggen te doen.

En toch zit er een luchtje aan de acties. Omdat ze blijk geven van een miskenning van de wereld om zich heen én omdat ze misbruik maken van dat grote goed: de onafhankelijke journalistiek.

Een blik op de actiewebsite van de NVJ leert dat het menens is. De maat is vol, de dagbladjournalisten voeren actie. Vorige week werden actietweets verstuurd, vandaag worden gratis kranten uitgedeeld, later deze week willen redacties hun websites niet meer verversen en uiteindelijk denkt de bond zelfs aan witte plekken in de kranten. “Omdat alle redacties het er unaniem over eens zijn dat het pakket van de werkgevers beschamend laag is.”  Althans, dat zegt de NVJ.

Vakbondsretoriek

De claim dat alle dagbladjournalisten actie voeren, is natuurlijk simpel te ontkrachten. Net zoals veel andere beweringen van de NVJ in dit centensteekspel. Voor een deel zullen ze te verklaren zijn uit de noodzakelijk geachte vakbondsretoriek. Toch vallen ze extra op nu de NVJ juist het woordje ‘kwaliteit’ zo nadrukkelijk tot inzet van het conflict heeft gemaakt. Nogmaals de hoge woorden van de vakbond: “Het voortbestaan van onafhankelijke en gerespecteerde journalistiek”.

Dat is niet alleen onderhandelingstechnisch een misser, maar ook inhoudelijk een slechte keuze.

De onafhankelijke, gerespecteerde journalistiek is niet in het geding. Sterker nog, iedere rechtgeaarde journalist zou de principes die daar bij horen zelfs zonder een cent te verdienen, moeten koesteren. Net als artsen een stervende mens niet aan zijn lot zullen overlaten. Het impliciete verwijt dat de werkgevers geen boodschap zouden hebben aan onafhankelijke journalistiek, is aantoonbaar onjuist. Wat zou trouwens het belang van een uitgever kunnen zijn bij het moedwillig afbreken van zijn grootste verkoopbare waarde?

Het verwijt vloeit rechtstreeks voort uit de afgebroken cao-onderhandelingen. Het lijkt logisch: werkgevers komen niet tegemoet aan de (beperkte) wensen van de werknemers en dus wijzen die werkgevers alles af waar de werknemers zo aan hechten. Maar zo zit het natuurlijk niet. Deze gevolgtrekking is zowel een conclusie uit het ongerijmde (een mening over de grote principes van het vak staan helemaal los van een meningsverschil over geld) als een onnodige uitvergroting van de verschillen zelf.

Geringe verschillen

Want wie een nadere blik werpt op de punten waar werkgevers en werknemers de  afgelopen maanden over hebben gesproken, kan niet anders dan constateren dat de verschillen gering waren. Uiterst gering zelfs.

Er was overeenstemming over:

1. Modernisering cao en verdere gesprekken over een nieuwe raam-cao

2. Het toestaan van meerdere tijdelijke contracten

3. Vakantiedagen

4. Een nieuwe definitie van de term ‘dagblad’

5. Een aanpak van de bovenmatige beloningen

6. Vrijval van de VUT-premies

7. Leeftijdsbewust loopbaanbeleid en verlof voor ouderen

8. Voortzetting van het project voor jonge instromers (onder voorwaarden)

Waar de partijen nog over ruzieden lag in de sfeer van de pensioenen en de looptijd van de cao in combinatie met de gevraagde loonsverhogingen. Maar ook op deze twee punten lagen de onderhandelaars zo dicht bij elkaar, dat het alles bijeen behoorlijk bevreemdt dat het actiemiddel nu al uit de kast is gehaald. En al helemaal als je kijkt naar de woorden waarmee dat gebeurd is.

NVJ tast journalistiek aan

Met de dagbladacties bevordert de NVJ het voortbestaan van de onafhankelijke en gerespecteerde journalistiek niet. Daarmee tast de vakbond deze zelfs aan. Omdat de claim ongeloofwaardig is, de onderbouwing grond mist en het de onderhandelingen onnodig op scherp zet.

Wie de realiteit op drie belangrijke assen onder ogen ziet, kan ook los van al deze overwegingen slechts constateren dat acties op dit moment niet gewenst zijn.

1. De realiteit in de journalistiek

De realiteit in de journalistiek is dat de technische ontwikkelingen van de afgelopen 10 jaar alles in beweging hebben gezet. Door de opkomst van het internet zijn niet alleen de klassieke verdienmodellen gaan wankelen, maar is de journalistiek als vakgebied veel minder voorbehouden aan de specialisten van weleer. Het voert te ver om te zeggen dat iedereen journalist is, maar hoe dan ook heb je geen drukpers meer nodig om je journalistieke arbeid verspreid te krijgen. Journalistieke middelen zijn voor iedereen beschikbaar. De traditionele journalistieke bolwerken (krantenredacties) hebben daar nog onvoldoende op in kunnen spelen en zullen de komende tijd samen met hun uitgevers alles uit de kast moeten halen om een nieuwe ordening te scheppen.

2. De realiteit in de dagbladsector

De situatie binnen de dagbladbedrijven is – zacht uitgedrukt – verre van rooskleurig. De omzetten vanuit de advertentiemarkt en vanuit oplages lopen duidelijk terug. De her en der ingezette portfolioverbreding, met name op het online speelveld, zorgt wel voor nieuwe omzet, maar deze is nog lang niet voldoende om de teruggang van print op te vangen. Het is zelfs de vraag of dat verschil nog ooit goedgemaakt kan worden. Het is dan ook niet voor niets dat dagbladconcerns bezig zijn hun strategie opnieuw onder de loep te nemen. Uitgevers hebben hun werknemers in dat proces hard nodig – en omgekeerd.

3. De realiteit in de Nederland

Dit land is bezig met een bezuinigingsoperatie ter hoogte van 18 miljard. Afgelopen week werd bekend dat er op korte termijn nog eens zo’n 5 à 10 miljard gevonden zal moeten worden. De eisen van de vakbond vallen in het niet bij de gevolgen van deze operatie.

Redenen te over dus om snel op te houden met dat rare actiegedoe. Niet meer als twee blokken tegenover elkaar gaan staan, alsof de belangen niet parallel lopen. De enige actie die nu effect kan hebben is een gezamenlijke: het bouwen van een nieuw, duurzaam journalistiek ecosysteem. Wie dat belang niet onderkent, ondermijnt zijn eigen toekomst. En wie dat georganiseerd dwarsboomt, duwt willens en wetens een hele sector de afgrond in.

Bart Brouwers

Journalist, blogger, writer, cyclist. Full professor in Journalism Groningen University.
Profiel-pagina
Al 3 reacties — discussieer mee!