Als de Publieke Omroep in de Tweede Kamer ter sprake wordt gebracht, dan mag je een debat op niveau verwachten en een dito kritische analyse in de pers.
Niets is minder waar.
Als je de pers moet geloven, dan ging het vorige week vooral over omroepfusies en over het lot van het Metropole Orkest, dat financiële steun van het Rijk krijgt, terwijl het Rijk de subsidie aan het orkest wil beëindigen. Het dagblad Trouw kopte dat de minister de ruzie over de fusiebonus aan de Vara wint. De waarheid is dat die fusies helemaal geen fusies blijken te zijn, maar een vorm van gebakken lucht. Alle omroepen blijven namelijk juridisch gewoon bestaan en ook de afzonderlijke identiteiten mogen worden benadrukt.

Maar voor de oplettende waarnemer vielen er interessantere conclusies te trekken.

Zo ontbreekt er een Kamermeerderheid voor de inrichting van het nieuwe omroepbestel vanaf 2016. D66, Groen Links, PVV en VVD willen ieder op eigen wijze een nieuw bestel inrichten. De PVV wil af van de ‘linkse’ media, de VVD wil de landelijke en regionale omroep integreren en D66 en Groen Links willen vooral af van de ledenomroepen. Verder vraagt Groen Links zich af hoe getoetst wordt dat de bezuinigingen van 200 miljoen euro niet tot kwaliteitsverlies leiden.

Daar had het debat natuurlijk op toegespitst moeten zijn. Op de vraag hoe je de kwaliteit van de publieke omroep kan waarborgen of liever nog verhogen ondanks de opgelegde bezuinigingen.

Terug naar de kerntaken

De werkgroep Andere Publieke Omroep (APO) (waarvan ik lid ben) heeft vorige jaar een plan gepubliceerd dat een antwoord op die vraag probeert te geven. De basis van het voorstel is om terug te keren naar de kerntaken van de publieke omroep: informatie en cultuur. Deze onderwerpen zouden via twee televisie- en twee radiozenders tot hun recht moeten komen. Alle Tweede Kamerleden ontvingen op 9 december een brief [pdf], waarin nieuwe cijfers worden gepresenteerd.

Op de mediabegroting – in 2011 ruim 700 miljoen euro – moet in vier jaar bijna 18 procent gekort worden, een bedrag van 125 miljoen euro. Op de algemene kosten gaat 40 miljoen euro gekort worden. Gevolg: de resterende 85 miljoen euro zal dus in het programmabudget gevonden moeten worden. Het is bovendien niet uitgesloten dat de omroep als gevolg van de toenemende economische crisis nog meer zal moeten gaan inleveren.

Lapmiddelen

Als eerste antwoord op de eis tot bezuinigen heeft de Publieke Omroep aangegeven dat er meer buitenlands amusement zal worden aangekocht, er nog meer zal worden herhaald en dat de zomerstop nog langer zal gaan duren. Lapmiddelen, die natuurlijk een nadelige invloed op de kwaliteit zullen hebben.

Het voordeel van het APO model is dat er juist meer geld voor cultuur en informatie beschikbaar komt. Amusement en sport worden meer aan de commerciële omroepen gegund. Op de VARA-site Joop.nl (en aanverwante sociale media) ben ik een kwaliteitsoffensief gestart, waarop veel gereageerd wordt. Ik doe een tiental voorstellen om de kwaliteit van de publieke omroep te verbeteren zonder dat dat veel extra geld kost. Ik noem: vergroting van de inbreng van de programmamakers; geen programma’s maken die ook door de commerciële omroepen gemaakt (kunnen) worden en meer aandacht voor de agenda van de burger als alternatief voor de zogenaamde agenda-journalistiek. Onder het motto: Occupy Mediapark.

Het is opmerkelijk om te kunnen constateren dat er een kloof groeit tussen de oude politiek en de oude media, die over fusies, die geen fusies zijn, praten en schrijven en minder open staan voor kritiek en informatie van buitenaf, terwijl er via de nieuwe media alternatieven worden aangedragen en besproken die steeds meer afstand nemen van de vastgeroeste naar binnen gekeerde oude media. Waarom eigenlijk? En wanneer gaan de eerste programmamakers hun tentje in Hilversum opzetten?

Nog geen reactie — begin de discussie!