Voor mijn boek dat vandaag verschijnt, bestudeerde ik de redactiestatuten van onze landelijke kranten en persbureaus. Deze documenten bleken niet altijd openbaar en vaak verouderd te zijn. Ondanks dat ze in de praktijk niet altijd tot op de letter worden nageleefd, willen redacties ze zeker niet kwijt. Koppen rollen soms zelfs om dit statuut te beschermen.

Tot mijn verbazing weigerden de redacties van De Telegraaf en de persbureaus GPD en Novum Nieuws mij hun redactiestatuten te verstrekken. Bij De Telegraaf staat alleen artikel 3 van het redactiestatuut dagelijks op pagina 3 van de krant, de rest is niet openbaar omdat dit volgens de redactieraad “niet van belang is voor de lezer, die erop kan vertrouwen dat het statuut voldoende bescherming geeft”.

De redactie van de GPD liet weten dat het redactiestatuut enkel bestemd is voor ‘intern gebruik’. Bij persbureau Novum Nieuws is het redactiestatuut evenmin openbaar.

De redactie van het Algemeen Dagblad deed ook moeilijk over hun redactiestatuut. Ik mocht langskomen om de tekst een uurtje te bestuderen, maar geen kopie meenemen, omdat de AD-hoofdredactie niet wilde dat het document zou gaan circuleren.

De Volkskrant en het FD stuurden me wel vrij snel hun redactiestatuut op per mail. Trouw, NRC Handelsblad en Het Parool gaven mij alleen een papieren kopie van hun statuut. De enige redactie die zijn statuut online heeft staan (op de website van de NVJ) is het persbureau ANP.

Transparantie

Wat vindt de NVJ ervan dat sommige redactiestatuten niet openbaar zijn? Thomas Bruning, algemeen secretaris van de NVJ, vindt het vreemd. “Alhoewel ik niet twijfel aan hun onafhankelijkheid, vind ik transparantie op dit gebied toch wel een eerste vereiste. Journalisten verwachten van anderen toch hetzelfde.” Digitale raadpleegbaarheid van het redactiestatuut wordt toejuicht door de NVJ.

Uit de gesprekken die ik voor dit onderzoek voerde met journalisten, bleek dat niet alleen de lezer, maar ook redacteuren niet altijd weten wat in hun redactiestatuut staat. Veel hoofdredacteuren twijfelen tegenwoordig openlijk over het bestaansrecht van het redactiestatuut, concludeerden Huub Wijfjes en Bas de Jong onlangs in hun boek ‘De Hoofdredacteur’ waarin interviews staan met tientallen hoofdredacteuren. Dit boek brachten zij overigens deels uit in opdracht van het Nederlands Genootschap van Hoofdredacteuren.

De NVJ hecht wel veel waarde aan het redactiestatuut. “Een statuut is net zoiets als een arbeidscontract, huwelijks- of samenlevingscontract, dat ligt normaal gesproken ook niet op tafel en kennen de partners ook niet uit hun hoofd”, stelt Thomas Bruning, algemeen secretaris van de NVJ. “Maar als de noodzakelijke goede samenwerking tussen uitgever-directeur en (hoofd)redactie spaak loopt, kan het uitkomst bieden en ervoor zorgen dat een redactie in een stevige positie staat voor overleg over veranderingen.”

Bruning wijst erop dat Laurens Verhagen, de oud-hoofdredacteur van de grootste Nederlandse nieuwswebsite NU.nl, redactiestatuten eerst ‘iets archaïsch’ vond dat bij Nu.nl niet nodig was. Toen vorig jaar discussies ontstonden tussen hem en de directie over de koers en keuzes bij NU.nl, zag hij in dat een statuut hem toch zou kunnen helpen. Verhagen is in november 2011 opgestapt en inmiddels adviseert de NVJ de redactie van NU.nl bij het opzetten van een statuut, aldus Bruning.

Verouderde redactiestatuten

Bij mijn onderzoek heb ik bekeken of de komst van nieuwe eigenaren of aandeelhouders van krantenconcerns en persbureaus de afgelopen tien jaar heeft geleid tot ingrijpende wijziging van de redactiestatuten. Dat was eigenlijk nergens zo. De meeste statuten die ik bestudeerde zijn behoorlijk verouderd en veranderden niet wezenlijk na overnames.

Wel lijkt het erop dat door verschillende soorten eigenaren anders wordt aangekeken tegen het belang van deze statuten. Zo moest Egeria, de nieuwe meerderheidsaandeelhouder van NRC Media, even wennen aan de journalistieke bedrijfscultuur met redactieraden en statuten. Wubby Luyendijk van de redactieraad van NRC Media vertelt dat “de NRC-redactie en oud-hoofdredacteur Birgit Donker ervoor hebben gestreden om het redactiestatuut intact te houden na de komst van nieuwe eigenaren.” Dat is gelukt, want het NRC-redactiestatuut is inhoudelijk niet gewijzigd, maar hoofdredacteur Donker moest wel opstappen om dit te voorkomen.

Bij de FD Mediagroep vertrok hoofdredacteur Ulko Jonker nog geen jaar nadat investeringsmaatschappij HAL Investments een meerderheidsbelang verwierf door 49,5 procent van aandelen te kopen van Willem Sijthoff. HAL wilde niet meer dat de FD-hoofdredacteur in de directie zou zitten. De FD-redactie wilde in ruil hiervoor dat het redactiestatuut zou worden aangescherpt voor wat betreft de reikwijdte van het ‘merk FD’. Dit om een conflict zoals met Donker bij NRC te voorkomen.

De redactie onderhandelt nog over de inhoud van het statuut met de nieuwe uitgever Eugenie van Wiechen. De hoofdredacteur van het FD en BNR Nieuwsradio vallen nu onder haar. Saillant detail is dat zij de zus is van Jaap van Wiechen, commissaris bij de FD Mediagroep en tevens directeur bij HAL Investments. Over die benoeming ontstond vorig jaar even wat commotie bij de FD-redactie.

Persgroep-kranten

Bij de Persgroep accepteren de Belgische managers dat er redactiestatuten zijn en dat de Nederlandse journalistieke cultuur anders is dan in Vlaanderen. Op papier zijn de afspraken in deze redactiestatuten nog hetzelfde als toen de Stichting Democratie en Media meerderheidsaandeelhouder was bij dit bedrijf.

Sommige redactiestatuten dateren zelfs nog uit de jaren negentig. Meestal kloppen de bedrijfsnamen, titels en functies in de statuten al lang niet meer. De stichtingen die nog steeds voor een deel eigenaar zijn van de Persgroep-kranten worden genoemd in de redactiestatuten van de Volkskrant, Trouw en Het Parool. De nieuwe grootaandeelhouder van deze kranten, de Persgroep, staat opvallend genoeg helemaal niet vermeld in deze teksten.

De redactieraden van het AD en Het Parool durven hun redactiestatuut niet aan te passen, omdat ze denken vooral te zullen moeten inleveren als ze opnieuw gaan praten over de inhoud. Beter een verouderd document met de huidige rechten, dan een vernieuwd redactiestatuut zonder die rechten, lijkt de redenering. “We willen deze statuten die nog geldig zijn, graag houden; ze geven de redactie enige zeggenschap”, vertelt Paul Westink, van de redactieraad van Het Parool. “Bij ons zijn ze van groot belang; dat willen we graag zo houden.” In alle sectoren wordt de bedrijfsvoering meer autoritair, meent Westink. “De redacties van nu hebben geen moer meer te zeggen. Werkgevers hebben liefst dat werknemers niet iets hebben als een redactiestatuut of redactieraad.”

Ook de redactieraad van het Algemeen Dagblad houdt graag een redactiestatuut intact dat totaal niet meer strookt met de werkelijkheid. “Het redactiestatuut dekt niet meer de praktijk en het moet aangepast worden, maar die ingreep is niet eenvoudig”, vertelt Louis du Moulin, voorzitter van de AD-redactieraad en lid van deze raad sinds 1986. “We laten het voorlopig maar zo, want als we opnieuw gaan onderhandelen over de inhoud krijgen we het waarschijnlijk nooit meer zo goed. De mensen van de redactieraad hebben tegenwoordig duidelijk minder ruggensteun binnen de redactie dan vroeger. Men is hier bij het AD voorzichtig geworden door alle reorganisaties sinds de eerste fusieperikelen in 2005, die hebben geleid tot een forse uitstroom. Men denkt aan zichzelf, niet of nauwelijks meer aan de hele club. De lauwheid is hier duidelijk groter dan bij NRC of Het Parool.”

De redactieraad van de Volkskrant was evenmin happig om het redactiestatuut aan te passen. “Er zijn wel wat kleine aanvaringen geweest tussen de Belgen en onze redactieraad in de beginperiode. Ze moesten even aan ons wennen,” vertelt Michael Persson, redacteur van de Volkskrant die tot februari 2011 in de redactieraad zat. “Het is wel handig dat we dat oude redactiestatuut nog hebben. We waren er niet over uit of het wel tactisch is om het aan te passen.”

Nico de Fijter van de redactieraad van Trouw vertelt dat deze krant het redactiestatuut evenmin heeft aangepast, omdat dit ‘niet meer dan een formaliteit’ is. “We hebben er geen haast mee dit te veranderen. De Persgroep is ook geen liefhebber van overleg en bureaucratisch gedoe,” aldus De Fijter, die vertelt dat bij Trouw met de Belgen wel discussies zijn gevoerd over internet. “De Persgroep besloot de webredacties van de titels te bundelen. De OR en redactieraad van Trouw waren daar helemaal niet blij mee. We wilden dat ons redactiestatuut op onze webredacteuren van toepassing zou zijn, maar met de ‘beginselverklaring’ waarin dat uiteindelijk ook is vastgelegd, hadden we als OR en redactieraad niets te maken. Die beginselverklaring is een overeenkomst tussen de hoofdredacteuren en de Persgroep.”

Benoemingen

Uit de gesprekken die ik voerde met redacteuren bleek dat de hoofdredactionele benoeming bij sommige Persgroep-kranten in de praktijk niet altijd overeen komt met hoe dit op papier is vastgelegd. Benoemingen bij Het Parool en het Algemeen Dagblad illustreren dit. De aanstelling van de huidige AD-hoofdredacteur Christiaan Reusink is in augustus 2010 wel voorgelegd aan de redactie op een plenaire vergadering, maar er zijn geen stemmen over uitgebracht. Dat is opmerkelijk want volgens het redactiestatuut is tweederde van de stemmen van de redactie nodig voor zo’n benoeming.

Bij Het Parool is in 2010 ook het een en ander veranderd na de benoeming van de adjunct-hoofdredacteur Henk Steenhuis, die van de redactie geen meerderheid van stemmen kreeg. Alle adjuncten, die daarvoor bij Het Parool waren benoemd, kregen wel zo’n meerderheid. Het redactiestatuut is op dit punt niet eenduidig. Het kan op twee manieren worden geïnterpreteerd, maar toch is besloten dat over adjuncten voortaan niet meer wordt gestemd. Er is een nieuwe procedure bedacht, waarbij een adjunct alleen kan worden benoemd als de redactieraad, uitgever en hoofdredacteur unaniem voor zijn. Het redactiestatuut van Het Parool wordt echter niet gewijzigd om deze nieuwe regel toe te voegen.

Wat heeft de redactie aan een redactiestatuut als het in de praktijk wordt genegeerd? In theorie kan een redactie met het redactiestatuut, dat een juridisch contract is, naar de rechter stappen. Tot nu toe is dat in Nederland echter maar één keer gebeurd: in 1998 stapten de redacties van De Stem en het Brabants Nieuwsblad naar de rechter om zich te beroepen op het redactiestatuut, omdat hun hoofdredacteuren niet ‘van de aanvang af’ werden betrokken bij plannen om hun kranten te fuseren. Er is nog nooit een redactie naar de rechter gestapt door onenigheid over de benoeming van een (adjunct)hoofdredacteur. Voordat redacties de kans krijgen om dat te doen, is de hoofdredacteur van die redactie meestal al opgestapt of ontslagen.

Vanavond wordt het boek ‘Wie bezit het nieuws?’gepresenteerd in de IJkantine te Amsterdam. Er zal ook gedebatteerd worden over de vraag: kan de journalist beter zijn werk doen als de lezer hem direct betaalt, zonder dat er een adverteerders, managers en aandeelhouders zitten tussen de redactie en haar lezers? Deelnemers aan het debat zijn Nathan Vos (De Wereld Draait Door), Joost Ramaer (auteur De Geldpers) Tom Cochez & Georges Timmerman (hoofdredacteuren van de Vlaamse website apache.be), Jeroen Smit (hoogleraar RUG en auteur De Prooi) en Bob van ’t Klooster (bedenker en oprichter www.nieuwspost.nl).
Aanmelden voor het debat kan hier.
Wie het boek wil lezen kan het hier bestellen. Recensie-exemplaren kunnen aangevraagd worden bij de auteur: info@mathildesanders.nl.

Al 2 reacties — discussieer mee!