De regiojournalistiek krijgt klap na klap te verwerken en als telg uit een Wegenerfamilie raakt mij dat ook nog steeds. In het nieuws verscheen onlangs het bericht dat er ruim vijfhonderd banenzullen verdwijnen bij de uitgeverij van regionale dagbladen. Als je het nieuws mag geloven, verliezen meer dan honderd journalisten hun baan. Op de redacties van Dagblad van het Noorden en de Leeuwarder Courant verdwijnen veertig banen door reorganisaties. Is dat erg? Oude media zijn toch al lang ten dode opgeschreven? Als je de critici mag geloven wel, maar de regiojournalistiek vervult een belangrijke taak en die wordt vaak vergeten.

In het mediaforum van 16 mei op Radio 1 werd de teloorgang van de regiojournalistiek besproken door KRO-presentator Ajouad El Miloudi en Volkskrantjournalist Jan Tromp. Jong tegen oud, nieuwe media versus traditionele media. “Het is onvermijdelijk, want alles verandert in digitale pers. Iedereen haalt zijn nieuws tegenwoordig toch van Twitter”, begon El Miloudi zijn relaas. “Niet in de provincie”, antwoordde Tromp doeltreffend. Mensen in de provincie zijn in zekere mate afhankelijk van het nieuws van de regiojournalistiek en als dat wegvalt, blijft er een groot gapend gat over.

Gemeenteraden

Tromp betoogde dat het verdwijnen van de regiojournalistiek erg was omdat de vele gemeenteraden niet meer worden gevolgd als de regionale dagbladen verdwijnen. Bij regionale dagbladen werken journalisten die zich fulltime concentreren op een gemeente en verantwoordelijk zijn voor al het nieuws dat uit die gemeente naar boven komt. De journalistiek heeft daarbij een informerende en controlerende taak en er is niemand die dat gat opvult als die journalisten verdwijnen. “Maar onderschat je dan niet de rol van nieuwe media?” en “Wethouders en raadsleden bloggen en twitteren zelf toch ook?”, waren de tegenvragen van El Miloudi.

En daar zit nu juist de crux. Het is goed dat de politiek haar achterban informeert, maar dat zal altijd gekleurd zijn omdat zij haar eigen boodschap wilt verspreiden. Een journalist is er om het hele verhaal onafhankelijk te verslaan. “En nieuwe media springen vooralsnog niet in dat gat”, vertelde Tromp. Hyperlokale nieuwssites als Dichtbij.nl timmeren hard aan de weg, maar zijn nog niet zo volledig als de regionale en lokale kranten. Die sites hebben niet genoeg personeel in dienst om ook de kleine gemeentes continu van nieuws te voorzien.

Onafhankelijke verslaggeving

Het verhaal van Tromp sprak mij aan, omdat ik uit ervaring wist dat hij gelijk had. Toen ik zelf nog maandelijks ’s avonds in de raadzaal zat om de gemeenteraadsvergaderingen te volgen, was ik me zeer bewust van mijn taak als onafhankelijke verslaggever. Je deed het trouwens sowieso nooit goed als journalist omdat de coalitie en oppositie altijd vonden dat ze zelf gelijk hadden, maar dat terzijde. Als in je verhaal in de krant de volgende dag één partij meer aan het woord was gekomen dan de andere partij, werd je daarmee door de andere partijen meteen om de oren geslagen. Als journalist ben je verantwoordelijk om het nieuws onafhankelijk te brengen, maar je wordt dus ook gedwongen om zo onafhankelijk mogelijk te zijn.

Tijdens de vergadering zaten naast mij aan de perstafel wel journalisten van lokale huis-aan-huisbladen, maar er was weinig belangstelling vanuit de hoek van de nieuwe media. Slechts bij ‘groot nieuws’ kwamen de andere media op de raadsvergadering af, het ‘gewone nieuws’ was blijkbaar vaak niet interessant genoeg. Dat is opmerkelijk, want tijdens de gemeenteraadsvergadering worden juist de beslissingen zijn gemaakt die direct van invloed zijn op het leven van de inwoners.

Landelijke media

Voor de politiek en de inwoners is het dus belangrijk dat de regiojournalistiek haar werk kan blijven doen en informerend en controlerend is. Ook voor landelijke media is het van belang dat de regio goed wordt gevolgd. In het Radio 1 Journaal zei Rob Vunderink, voorzitter van de ondernemingsraad van Wegener, het op 16 mei zelf treffend: “Niet alleen lezers en adverteerders zijn de sigaar, maar meer dan vijftig procent van het nieuws in Nederland wordt in de bron gemaakt door regionale journalistiek.” Dat zijn drie kanten die afhankelijk zijn van de regiojournalistiek.

Vunderink verwachtte overigens dat het werk, na de nieuwe bezuinigingen, nog steeds goed gedaan kan worden. Ik heb daar zo mijn twijfels bij omdat regiojournalisten het nu eigenlijk al veel te druk hebben. Toen ik een aantal maanden verslaggever was in een gemeente, kreeg ik de vraag vanuit de seniorenclub waarom ik nooit op bezoek kwam. “Jouw voorganger kwam elke week een kopje koffie drinken om bij te praten”, was het argument. Wat een luxe was dat, want zo kom je aan goede bronnen en zit je dicht op het nieuws. Zo ging het vroeger wel vaker als ik de verhalen van oudere ex-collega’s mocht geloven, maar ik had het daar simpelweg te druk voor. Ik ben dus ook benieuwd hoe de redacties deze nieuwe klappen op gaan vangen en wat voor invloed dat heeft op de kwaliteit van de krant.

Kwaliteit

Het kan bijna niet anders dan dat de kwaliteit achteruit holt wanneer minder mensen hetzelfde werk moeten doen. Vooral ook nadat er al afscheid is genomen van journalisten en de redacties al kleiner zijn gemaakt. Een maatregel om de bezuinigingen te verhullen was bijvoorbeeld om twee gemeentes door één journalist te laten verslaan. Of dat verschillende edities van één krant werden samengevoegd zodat die krant ook gevuld kon worden door minder journalisten. Hoe je het ook wendt of keert, de inwoners zijn de dupe want er komt minder nieuws over die gemeente in de krant. Dat geldt zowel voor regionale dagbladen als voor de lokale huis-aan-huiskranten waar ook flink bezuinigd wordt en er steeds minder journalisten zijn om het lokale nieuws te verslaan.

Het verdwijnen van de regionale media heeft niet alleen een impact op de lokale politiek en de inwoners, maar ook op de bedrijven in die gemeente. Voor lokale bedrijven is een lokale krant vaak een geschikt medium om met nieuws te komen. Het is niet voor niets dat zulke bedrijven vaak adverteren in die lokale media. De doelgroep van die bedrijven bestaat immers vaak uit de inwoners van het dorp en die zijn eenvoudig te bereiken door middel van die regionale of lokale krant. Als die media wegvallen, dan verdwijnen een paar belangrijke kanalen voor bedrijven en nieuwe media springen nog niet volledig in dat gat. Dat kan ook niet, want veel krantenlezers zijn van latere leeftijd en niet zo thuis in nieuwe media.

Nulpunt

De regiojournalistiek zit in een lastig parket. Door tegenvallende abonnementen en minder inkomsten uit advertenties moet er worden bezuinigd. Daardoor neemt de kwaliteit af en hollen nog meer lezers weg. Een vicieuze cirkel die uiteindelijk zal leiden tot het nulpunt: het verdwijnen van de regiojournalistiek.

Waar de oplossing ligt? Ik heb de oplossing niet, maar met zo veel partijen die afhankelijk zijn van de regiojournalistiek moet er toch wel ergens een zak met geld te vinden zijn. Misschien is het wel goed dat het nulpunt wordt bereikt om tot bezinning te komen over wat nu echt belangrijk is in de media, al wens ik dat mijn oud-collega’s natuurlijk nooit toe.

Dit artikel is eerder gepubliceerd op de website van Lewis PR.

Al 13 reacties — discussieer mee!