Veel journalisten hebben een profiel op LinkedIn, maar voor journalistiek graafwerk wordt het platform maar spaarzaam gebruikt. Terwijl LinkedIn prima mogelijkheden biedt om te zoeken naar informanten. Neem de journalist die onderzoek doet naar de aanbesteding van de Fyra. Petra ter Doest legt uit hoe hij snel enkele insiders kan vinden via LinkedIn.

Journalisten hebben het niet zo op LinkedIn, is mijn indruk. Ze zitten er wel op, maar doen doorgaans weinig met het bedaagd ogende, carrièregerichte platform.

Dat LinkedIn ook serieus zoekgereedschap is, is wel doorgedrongen bij salesmensen en recruiters, maar dat journalisten ook heel veel kunnen hebben aan het sociale netwerk, lijkt vooral bekend bij LinkedIn zelf. Het bedrijf wil graag in contact komen met journalisten.

Mensen vinden

Mensen vinden is een kerntaak voor journalisten. Kandidaten voor interviews, kandidaten voor programma’s, geschreven portretten, of bronnen die iets kunnen uitleggen of bevestigen.

Mensen met bepaalde kennis of ervaring vinden, dat is ook precies waar LinkedIn zo geschikt voor is, veel meer dan Twitter of Facebook. Dat komt doordat alle deelnemers aan LinkedIn nauwgezet de feiten over hun loopbaan hebben ingevuld. Dat levert een waanzinnige database op en de zoektechnologie van Linkedin is de afgelopen jaren enorm verbeterd en uitgebreid.

Onderzoek naar de Fyra

Een voorbeeld: Stel, je wilt een achtergrondverhaal maken over de Fyra. Wie gaan jou vertellen hoe het precies is toegegaan bij de aanbestedingen sinds 2000?

Als je een profiel op LinkedIn hebt, kun je het woord Fyra invullen in het zoekvak dat rechtsboven op je pagina staat. Afhankelijk van je netwerk levert dat zoekresultaten op. In mijn geval zijn dat er 2752. Beetje veel om allemaal na te pluizen en de eerste vraag is of al die resultaten wel over het spoorwegenbedrijf gaan? Nee, zo blijkt als ik vervolgens filter op bedrijfstak ‘Transport, goederenvervoer, spoorwegen’. Fyra is ook ‘vier’ in het Zweeds en het is de naam van een Nederlands restaurant.

Er blijven nog 61 mensen over. Dat is op zich gunstig, al is het goed om te bedenken dat dit filter van toepassing is op de huidige bedrijfstak. Mensen die overgestapt zijn van Fyra naar – zeg – Vodafone in de telecomsector, zijn nu ook weggefilterd. Maar voorlopig ga ik even verder met deze selectie.

De 61 mensen hebben het woord Fyra in hun beroepsprofiel staan. Ze kunnen techneut zijn, secretaresse of iets heel anders. Wat zij gemeen hebben, is dat ze nu of in het verleden voor het bedrijf werken, hebben gewerkt of zaken doen of deden met Fyra.

Filteren met trefwoorden

Omdat ik meer wil weten over de aanbesteding voor de treinen begin ik met het toevoegen van dat ene trefwoord. Echter ‘aanbesteding’ levert niet veel op, daarvoor is de Nederlandse werkvloer veel te Engelstalig geworden.  Zodra ik het Engelse woord ‘bid’ toevoeg, krijg ik goede resultaten. Ik kan ook onderscheid maken tussen mensen die nu bij NS/Fyra werken of die dat in het verleden hebben gedaan. Aangezien de laatste groep wellicht makkelijker te benaderen is, filter ik ook op ‘vorig bedrijf’.

Zo houd ik iemand over die in het verleden deel uitmaakte van het NS-bidteam en een tijdlang de bestuursvoorzitter assisteerde. Omdat deze man geen eerste of tweedegraadsconnectie van mij is, krijg ik met mijn businessabonnement op LinkedIn alleen een voornaam en een letter van zijn achternaam te zien. Maar met de bedrijfsnaam erbij is dat  simpel op te lossen. Ik tik de voornaam, functie en de bedrijfsnaam in op Google en daar duikt hij meteen herkenbaar op in de zoekresultaten. Ik kan nu naam en achternaam invullen in mijn zoekvak en zo toch op zijn pagina terecht.

Ook stuit ik op een interessante ‘garantie-manager’, ik had er nog nooit van gehoord, maar bij nadere bestudering zou hij wel eens meer kunnen weten van wat zich heeft afgespeeld. Met beiden kan ik nu proberen contact te leggen, al dan niet via LinkedIn.

Actief zijn op LinkedIn

En zo zijn er nog veel meer functies die LinkedIn onderhand goed heeft uitgewerkt en die veel informatie voor journalisten opleveren over mensen en over de bedrijven waarvoor ze werken. Om ervan gebruik te maken, moet je wel een profiel aanmaken en veel connecties hebben.  Ook zonder betaald abonnement kun je dan al een heleboel.

Ik hoor sommigen al mopperen: nog meer om bij te houden. Maar je had er al lang op moet zitten. Ook uit overlevingsdrang. Want beginnen met linken als je op straat staat, is echt doodzonde. Je moet er juist mee beginnen als het goed met je gaat. Keert dan het tij dan heb je immers LinkedIn niet in de eerste plaats meer nodig om verhalen te maken maar om werk te vinden. Maar dat terzijde.

Al één reactie — discussieer mee!