“Je kunt heel makkelijk en snel je boodschap kwijt. Het scheelt vaak weer een persberichtje.” Dat zei Alexander Pechtold in 2012 in de Volkskrant over Twitter. Maar klopt dat ook? Is Twitter voor politici een goede vervanging van het persbericht? Janinka Zilverschoon en Chris Aalberts zochten het uit.

Steeds meer Tweedekamerleden zijn de afgelopen jaren gaan twitteren. Dagelijks delen zij via dit medium talloze ideeën, standpunten en observaties. Daarnaast biedt Twitter de mogelijkheid om discussies en conversaties te hebben met burgers.

Interactie tussen politici en burgers

Toch valt daar ook wel wat op af te dingen. Lang niet iedere burger is op Twitter aanwezig en de interactie tussen politici en burgers lijkt in praktijk tegen te vallen. Daarnaast hebben de meeste politici ook niet een heel groot bereik via Twitter. Buiten Geert Wilders of Alexander Pechtold die meer dan 200.000 volgers hebben, hebben de meeste politici slechts enkele honderden of duizenden volgers. Als ze veel mensen willen bereiken hebben ze toch weer de oude media nodig.

Maar hoe vaak worden tweets van Tweede Kamerleden eigenlijk overgenomen? Zijn tweets voor parlementariërs daadwerkelijk een goede manier om in het nieuws te komen?

Onderzoeken van tweets

Om antwoord te kunnen geven op deze vragen hebben we alle tweets van Tweede Kamerleden geanalyseerd die verschenen van zondag 10 februari 2013 tot en met zaterdag 16 februari 2013 en van zondag 10 maart 2013 tot en met zaterdag 16 maart 2013. In totaal zijn er in deze twee weken 4477 tweets verzonden door Tweede Kamerleden. Dit aantal is inclusief retweets door Tweede Kamerleden en @replies.

Vervolgens is voor elke tweet vastgesteld of het betreffende Tweede Kamerlid na het versturen van de tweet in De Telegraaf, de Volkskrant of NRC Handelsblad voorkwam en of dit mediaoptreden verband houdt met de verstuurde tweet.

Resultaten

In bijna 70% van alle verstuurde tweets worden politiek inhoudelijke thema’s besproken, zoals het onderwijs, de zorg, de woningmarkt, criminaliteit, het buitenland en het asielbeleid. In bijna 30% van de tweets worden korte mededelingen gedaan, zonder een inhoudelijke boodschap (bv. “Ik sta in de file”). Privézaken worden nauwelijks besproken (3%). Er kan dus gesteld worden dat Tweede Kamerleden Twitter met name gebruiken om politiek-inhoudelijke zaken te bespreken.

Relatief gezien blijken Kamerleden van de Partij van de Dieren het vaakst te twitteren (43,5 tweets per Kamerlid per week). Kamerleden van de PVV versturen relatief gezien de minste tweets (3,5 tweets per PVV-Kamerlid per week).[AP2]

De overname van tweets door De Telegraaf, NRC Handelsblad en de Volkskrant blijkt zeer beperkt. Drie tweets die verstuurd zijn in de onderzochte periodes zijn expliciet geciteerd door de onderzochte dagbladen. Dit betreft een tweet van D66-er Alexander Pechtold die is overgenomen door de Volkskrant, een tweet van PVV-er Machiel de Graaf die is overgenomen door De Telegraaf en een tweet van SP-er Paul Ulenbelt die is overgenomen door het NRC Handelsblad. Daarmee is 0,07% van alle verstuurde tweets overgenomen door één van de onderzochte dagbladen. De kans dat een Tweede Kamerlid met een tweet expliciet geciteerd wordt in de krant, is dus heel erg klein.

Naast het expliciet verwijzen van tweets is onderzocht of het specifieke thema van tweets overeenstemt met het thema van het media-optreden van het Tweede Kamerlid in de krant. Bij 2,3% van alle verstuurde tweets van Tweede Kamerleden komt een artikel over hetzelfde Kamerlid en hetzelfde onderwerp in de krant. Of dit laatste door Twitter komt, is onduidelijk. Kleine partijen die weinig twitteren hebben meer kans dat de inhoud van de tweet overeenkomt met de inhoud van de krant dan grote partijen die wekelijks honderden tweets versturen.

Conclusie

Dit onderzoek laat zien dat de kans klein is dat een politicus door middel van Twitter de reguliere media haalt. Expliciete verwijzingen komen zelden voor en journalisten lijken hun agenda niet aan te passen aan de hand van wat er op Twitter wordt besproken. Er is weinig inhoudelijke overeenstemming te zien tussen wat er op Twitter wordt besproken en de inhoud van de krant in combinatie met het twitterende Kamerlid.

Van ruim driekwart van alle verstuurde tweets komt het Kamerlid van wie de tweet afkomstig is helemaal niet terug in de onderzochte dagbladen. In theorie zou Twitter voor Kamerleden die doorgaans weinig media-aandacht krijgen een handig middel kunnen zijn om alsnog de publiciteit te halen. Maar de resultaten uit dit onderzoek laten zien dat dit zelden gebeurt. Het lijkt voor Tweede Kamerleden dus weinig zin te hebben om een tweet te versturen met als doel om de reguliere media te halen.

Dit artikel is gebaseerd op de masterthesis van Janinka Zilverschoon: Een persbericht in 140 tekens?

Al 2 reacties — discussieer mee!