Vroeger keek Nederland naar het Sportjournaal om bij te blijven, tegenwoordig is een blik op Twitter genoeg. Op sociale media worden trainerswissels of miljoenentransfers het eerst gedeeld door goed ingevoerde voetbalaccounts. Toch zijn traditionele sportmedia voorlopig nog niet overbodig.

Ajax kocht in januari 2005 de Griekse spits Angelos Charisteas van het Duitse Werder Bremen. Ten tijden van deze transfer zat ik in de Oostenrijkse Alpen. Doordat De Telegraaf destijds één dag vertraging had als je in het buitenland zat, kwam het nieuws ook echt vierentwintig uur later onder mijn ogen.

Sinds de sociale media hun intrede hebben gedaan, is zo’n voorbeeld bijna ondenkbaar geworden. Waar we vroeger afhankelijk waren van televisie, radio en printmedia, consumeert de nieuwe generatie vooral nieuws dat in het digitale tekstvlak is getypt. De voetbalwereld heeft zich voor het snelle nieuws verplaatst naar internet en Twitter, waar veel anonieme bronnen voorkomen, de afstammelingen van ‘Deep Throat’ in de voetbalwereld.

Zij leveren user-generated content, informatie die door gebruikers van media zowel aangeleverd als gedeeld wordt. In dit geval zijn het accounts die nieuws van externe sites (mét bronvermelding) of eigen informatie delen met de rest van de wereld. The Transfer Bible (@TransferBible) is hier een voorbeeld van. Het account heeft op het moment van schrijven ruim veertigduizend volgers.

‘Wij zijn sneller’

Dat zijn mooie cijfers, maar hoe ben je er zeker van dat informatie uit zo’n bron ook juist is? De vaak anonieme accounts hebben natuurlijk niet de naam van sportnieuwsinstituten als BBC, Sky Sports en Studio Sport. Maar zo’n naam hebben ze ook niet nodig. Voor hen is het zaak zo veel mogelijk informatie te delen met hun volgers en te suggereren dat deze informatie juist is.

Hoe laten deze accounts zien of hun informatie juist is? Door achteraf te tonen dat eerder gebrachte informatie inderdaad klopt. Twitteraccount @TransferSources, met 283.000 volgers één van de meest gevolgde voetbalaccounts, maakt op die manier reclame voor zichzelf.

Neem het ontslag van hoofdtrainer Tim Sherwood bij het Engelse Tottenham Hotspurs. Op 30 maart 2014 maakte @TransferSources al melding van de vervanging van Sherwood. Eén maand later kwam het gerenommeerde Sky Sports met hetzelfde nieuws. Een simpele tweet met ‘wij zijn sneller’ versterkt achteraf @TransferSources status als betrouwbare bron.

Valkuil voor nieuwsbrekers

Maar waarom doen de grote nieuwsorganisaties dit niet zelf? Zij hebben een naam hoog te houden. Hoewel Engelse sites en kranten geruchten over mogelijke transfers brengen, wachten vooral de kwaliteitskranten en gerenommeerde internetsites op officiële bevestiging van de betrokken spelers en clubs. Daarna brengen zij het pas als nieuws. Daardoor lopen ze ver achter.

Wel maken deze media dankbaar gebruik van dergelijke informatie die zij krijgen. Dat is de grootste valkuil voor nieuwsbrekers op Twitter: zij zorgen voor het ‘nieuws’, andere media gaan er zonder bronvermelding mee aan de slag.

Zo bracht @Agent_Edward als eerste het nieuws dat Tottenham Hotspurs na het ontslag van Tim Sherwood de Argentijnse manager Maurcio Pochettino had benaderd voor de functie van hoofdtrainer. Jim White, presentator van Sky Sports, bracht het nieuws kort daarop als scoop, zonder te verwijzen naar @Agent_Edward.

Een bron als Edward kan niet meer doen dan een boze reactie geven; zijn berichten worden maar door een paar duizend mensen gelezen. Sky Football heeft alleen op Twitter al een 1,15 miljoen volgers en kan zo veel meer mensen bereiken dan die ene anonieme bron. Het zogenaamde ´nieuws breken´ is niet meer exclusief voor de sportnieuwsinstituten weggelegd, maar zij hebben wel het bereik om het als ´eigen´ nieuws te brengen. Daar is, tot nu toe, niets tegen te doen.

Zijn de traditionele media overbodig geworden voor het brengen van het snelle en ´breaking´ nieuws uit de voetbalwereld? Ja, maar het zijn nog steeds de traditionele media die het vervolgens onder een groot publiek verspreiden. Geheel overbodig zijn de traditionele sportmedia dus niet en zullen dat, ondanks de groei van twitterende voetbalmakelaars en andere directe lijnen met de voetbalwereld, voorlopig ook niet worden.

Al één reactie — discussieer mee!