De nrc.next-journalisten Carola Houtekamer en Freek Schravesande schreven een negendelige serie over de bijzondere Haagse wijk ‘Spoorwijk’. Vijf maanden waren ze er mee bezig. Nina Blanken sprak met ze over hun aanpak. “De eerste versie van ons stuk ging de prullenbak in. Het was een belangrijk leermoment: doe wat je afspreekt, een gouden regel in Spoorwijk.”

Met een stapel kranten stappen nrc.next-journalisten Carola Houtekamer en Freek Schravesande het koffiehuis van Spoorwijk binnen. Ze zijn er al vaak geweest. In vijf maanden tijd hebben ze de Spoorwijkers leren kennen. De moeders zonder mannen, de wijkagenten en de medewerkers van de Voedselbank. Tante Cor, haar zoons, leden van de Quote-500 bende, en Cicero.

Negen afleveringen telt ‘Spoorwijk’, de serie die tussen 19 en 29 augustus in nrc.next verscheen. Een serie over een kleine arme wijk in Den Haag. Een wijk waar de overheid geen grip op heeft. Een multicultureel geslaagde wijk waar bewoners elkaar beschermen tegen binnenvallende politie en waar de leden van de criminele Quote-500 bende Robin Hoods worden genoemd.

Koffiehuis

Het is 3 september als de journalisten voor het eerst weer onder begeleiding van Cicero het koffiehuis binnenstappen. Het zit vol met rokende Spoorwijkers. Hun ‘begeleider’ is een stevige man met een matje in zijn nek, een man die de wetten van de wijk kent. Freek en Carola lachen zenuwachtig. Daar staan ze dan met de kranten in hun armen. Wat nou als ze niet blij zijn met de serie, wat als de sfeer omslaat, denken ze nog. En dan zegt Cicero: “Nou jongens, doe de deur even dicht.”

“Slimme Cicero”, lacht Carola een dag later. “Wij hebben hem leren kennen, hij ons ook. Nu lachen we erom. We speken over het project alsof het allemaal alleen maar leuk was, maar zonder Freek had ik het nooit gedaan.”

“Ik ook niet zonder jou hoor”, zegt Freek tegen zijn collega. “Spoorwijkers maken voortdurend zulke grappen, je weet nooit welke kant het opgaat.”

Freek en Carola werken al jaren regelmatig samen aan verhalen. Ze zijn heel goed op elkaar ingespeeld.

Pitchen

Najaar 2013, jullie pitchen het project bij de chef en dan?
“Pitchen?”, lacht Carola. “We verdwenen gewoon.”
“We wisten helemaal niets toen we eraan begonnen’, vertelt Freek. ‘Er was een spannend filmpje over buurtbewoners die in opstand komen tegen de politie en we hadden een berichtje gelezen over een handtekeningenactie voor tante Cor. Niemand zat te wachten op een verhaal over Spoorwijk, maar wij vonden het interessant.”

“De eerste keer dat we in de wijk waren spraken we met twee welzijnswerkers. Eentje daarvan woonde er al haar hele leven. Ze kon ons zoveel vertellen. Na dat gesprek zeiden we al tegen elkaar: deze buurt is interessanter dan alleen de Quote-bende, hier moeten we tijd in steken.”

Hoe wonnen jullie het vertrouwen van de bewoners?
“Aanbellen bij huizen, ons voorstellen als journalisten die een serie verhalen willen schrijven over saamhorigheid en de Quote-bende, en heel veel koffie drinken uit plastic bekertjes. Het begon met de moeders. Vaders waren er zelden”, zegt Freek. “Die zaten allemaal in de bak of bij de reclassering”, vult Carola aan.

Tante Cor

“Vervolgens konden we met tante Cor spreken. We vertelden dat haar verhaal onderdeel zou worden van een serie over de vele aspecten van de wijk. De Quote-500 bende en haar zoons waren ook een onderdeel. In welke vorm we de verhalen zouden gieten lieten we vaag, dat wisten we nog niet zo goed. Het was goed, ze vond ons wel oké.”

“Toen we eenmaal met tante Cor hadden gesproken, wilde de rest ook wel. Natuurlijk hadden we ook met welzijnswerkers en een basisschooldirecteur gesproken. Zo kwamen we veel te weten, maar we wilden hen niet opvoeren in het verhaal.”

Wanneer wisten jullie dat het een serie moest worden?
“Vlak voor ik met verlof ging hebben we een verhaal geschreven over tante Cor en de bende. Alle informatie die we hadden verzameld zat erin. En Freek ging het voorlezen aan tante Cor.”

Leermoment

“Ik las het voor en Cor kreeg tranen in haar ogen. Ze was zo bang en verbaasd. Bang dat haar zonen zouden denken dat hun moeder dit allemaal aan ons had verteld. Verbaasd omdat wij niet eerlijk waren geweest. We hadden haar levensverhaal vermengd met de tapverslagen en rechtbankstukken over haar zoons. Daarna heb ik heel lang met Carola gepraat. Uiteindelijk besloten we het stuk niet af te drukken, het ging de prullenbak in. Het was een belangrijk leermoment: doe wat je afspreekt, een gouden regel in Spoorwijk.”

“Dat ze weer met ons wilde praten kwam door een welzijnswerker die zei: ‘Corrie, het is echt bijzonder dat journalisten een verhaal niet afdrukken, praat toch met ze.’ We spraken af dat we alles zouden vertellen, maar wel opgesplitst in afleveringen. Dat vond ze goed.”

Hoe zijn de thema’s ontstaan en hoe is de serie opgebouwd?
“De buurt bleef ons verrassen”, vertelt Carola. “Het multiculturele en de saamhorigheid. Dat eenzaamheid net zo erg is als honger: een vrouw die nog vijf euro overheeft voor een hele week, geeft vier euro uit aan kattenvoer. Hoe de overheid greep probeert te krijgen op een achterstandswijk en een keurig parkje aanlegt waar niemand ooit komt. Hoe de criminele jongens de wijkagenten respecteren en dat niets in Spoorwijk georganiseerd is, ook de misdaad niet.”

Schrijven

“Spoorwijkers zijn geen ministers, ze vertellen niet alles in één keer”, gaat ze verder. “We voerden heel veel kleine gesprekken. Toen we eenmaal gingen schrijven hadden we een bestand vol aantekeningen en een heleboel kennis. We schreven in snippers. Als we een stuk voorlegden aan de mensen en als zij zichzelf erin herkenden, dan was het goed.”

Freek: “hoe we de serie zouden opbouwen, daarover veranderden onze gedachten elke dag. We wisselden misdaad af met kleine persoonlijke verhalen en grotere onderwerpen als werk en woningbouwproblemen met Vestia.”

Hadden jullie deze serie in je eentje kunnen maken?
“Nee”, zeggen ze in koor. “We hadden ons een stuk minder veilig gevoeld, het was veel te veel werk geweest, en we vullen elkaar heel goed aan.”

“Freek ziet alles”, zegt Carola. “Details in interieurs, uiterlijke kenmerken. Ik mis dat vaak. Ik kan vooral goed luisteren.”

Baby

“En je enthousiasme werkte heel goed bij de jongens”, reageert Freek. “Die straatschoffies en Carola hadden echt een klik.”

“Het werkte ook mee dat ik hoogzwanger was. Je wordt instant geneutraliseerd als je met zo’n buik ergens binnenloopt. Echt niet dat die jongens dan iets tegen je durven te doen.”

“Ja,” geeft Freek toe, “we maakten wel een beetje misbruik van de baby.”

De waarheid

Waren de buurtbewoners blij met de verhalen, en zijn jullie zelf tevreden?
“Cicero had ons goed laten schrikken, maar ze vonden het allemaal leuk”, vertelt Carola. “Een van de jongens had bij een politie-inval een camera vol in zijn gezicht gedouwd gekregen. Hij was blij dat ie nu eens zijn eigen zegje kon doen. En iedereen riep constant: ‘het is toch zo, het is toch zo.’ Als de waarheid er maar instaat.”

“Ja”, zegt Freek, hij herinnert zich tante Cor weer. “Het was verkeerd wat we gedaan hadden. Voor iedereen in Spoorwijk gold hetzelfde: alles is oké, maar je moet elkaar niet naaien. En wij waren niet fair geweest tegen tante Cor. Nu ben ik heel blij dat we de verhalen hebben kunnen opschrijven zonder concessies te doen. We hebben niemand mooier of minder mooi afgeschilderd.”

Carola stemt daarmee in en geeft haar belangrijkste les: “heel vaak terugkomen!”

De serie Spoorwijk gemist? Alle afleveringen zijn te lezen op de NRC-website.

Al 2 reacties — discussieer mee!