Afgelopen mei presenteerde de Raad voor de Journalistiek zijn vernieuwde Leidraad, “waarin wordt beschreven wanneer sprake is van zorgvuldige journalistiek en wanneer niet.” De herziening was nodig “met het oog op de huidige digitale tijd”. Volgens journalistiekstudent Eline Sips speelt de Leidraad echter totaal niet in op de realiteit van die digitale tijd.

De Raad voor de Journalistiek publiceerde op 27 mei de herziene versie van de Leidraad.  Volgens de Raad is deze ‘met het oog op de huidige digitale tijd’ herschreven en aangepast.  Wie echter op een zondagavond eens een half uurtje de tijd neemt om deze vernieuwde journalistieke gedragscode door te spitten, zal al snel merken dat de Raad voor de Journalistiek niet in de huidige digitale tijd leeft. De Raad blijft mijns inziens hangen in een lang vervlogen eeuw, waarin men nog altijd streeft naar een onmogelijke journalistieke utopie.

Allereerst wil ik graag erkennen dat een leidraad slechts een ‘duwtje in de juiste richting’ is en dat ik begrijp dat het niet gezien moet worden als een checklist met eisen waar je als journalist aan moet voldoen. Dat is overigens ook niet mogelijk,  want daar is het stuk simpelweg te vaag voor. Voor iedere gestelde richtlijn zijn er namelijk tal van uitzonderingen te bedenken. In dit geval is vaag zeker niet negatief bedoeld; ik ben een voorstander van ruimte geven aan en rekening houden met uitzonderingen.

Journalistieke perfectie

Waar ik me wel aan stoor, is dat ik weinig terugzie van die nieuwe digitale tijd. Zo schrijft de Raad:

“Goede journalistiek is waarheidsgetrouw en nauwgezet, onpartijdig en fair, controleerbaar en integer. Zij laat zich toetsen en gaat op open wijze om met opmerkingen, reacties en klachten.”

De Raad streeft dus naar journalistieke perfectie. Er is echter voor deze perfectie tegenwoordig vrijwel geen markt meer. Is journalistiek zonder markt nog wel goede journalistiek?

Jongere generatie

De digitale tijd is  er een die namelijk vooral leeft onder de jongere generatie. Ikzelf ben tweeëntwintig en ik merk dat mijn generatie weinig behoefte heeft aan deze harde eisen aan de journalistiek. Een nieuwsberichtje flitst voorbij op Facebook, wordt vlot gelezen en even vlot weer vergeten. Er worden geen vragen gesteld of de informatie in het bericht wel juist is en de reacties eronder zijn vaak inhoudsloos. Bovendien ‘overwint’ het zachte nietszeggende nieuws het vaak van de harde minder aangename feiten. Een zorgwekkende ontwikkeling, maar wel een waar de journalistiek rekening mee dient te houden.

Het probleem zit dus in het feit dat de Raad met haar Leidraad niet inspeelt op het snelle korte nieuws. Het type nieuws dat je juist in een digitale tijd zoveel tegenkomt. Journalistiek die nauwgezet en controleerbaar is, is niet de journalistiek die het nieuws als eerste naar buiten brengt. De digitale tijd heeft in tegenstelling tot de gedrukte pers juist het voordeel dat je zo snel mogelijk kan publiceren en daarna nog altijd je bericht kan herzien. Fouten kunnen altijd nog worden aangepast dus nauwgezetheid en wederhoor kunnen op zich laten wachten. Snelheid betekent namelijk een grotere kans op commercieel succes.

Simpel gezegd; een journalist kan zich krampachtig proberen te houden aan de Leidraad voor Journalistiek en in ieder artikel uiterst nauwkeurig te werk gaan. Hij past wederhoor toe waar nodig, checkt nauwgezet al zijn bronnen en vermeldt de eventuele tekortkomingen van het stuk. Zijn artikel zal echter ondergesneeuwd worden in de lawine aan berichtgeving over hetzelfde nieuws. Ook al springt het qua kwaliteit ver uit boven de rest. Het stuk zal door weinig mensen opgepikt worden en daardoor weinig impact hebben. Uiteindelijk wordt er veel tijd gestoken in een stuk dat commercieel gezien weinig opbrengt.

Utopische kwaliteit

Ik ben het er absoluut mee eens dat er bij verschillende soorten journalistiek, waaronder bijvoorbeeld onderzoeksjournalistiek, zeer zorgvuldig te werk moet worden gegaan. Dit om te voorkomen dat er dingen aan het licht komen die onjuist of onvolledig zijn. In dat geval is de Leidraad voor de Journalistiek een perfecte richtlijn.

Voor de digitale tijd waarvoor het stuk onlangs is aangepast, zie ik echter wel dus nog een flinke tekortkoming. De Raad heeft slechts oog voor utopische kwaliteit en verliest het commerciële succes hierbij volledig uit het oog.

Juist in een tijd waarin de journalistiek het allesbehalve makkelijk heeft is het van belang om ook het financiële aspect mee te laten wegen. Want juist wanneer er voldoende geld beschikbaar is, is er de ruimte om te streven naar kwaliteit. Juist wanneer er voldoende geld beschikbaar is, is er een mogelijkheid om de utopie van journalistieke perfectie te behalen.

=====

Studenten uit het tweede jaar van de Fontys Hogeschool Journalistiek in Tilburg kregen de opdracht een opiniestuk te schrijven over de nieuwe Leidraad voor de Journalistiek, dat bijvoorbeeld geschikt zou zijn voor DNR. “Je bent vrij in je aanpak; het kan gaan over nut en noodzaak van de ethische code, je mag je aandacht richten op specifieke artikelen etc. Laat zien dat je hebt nagedacht over de code en het vak”, aldus de opdracht. Een aantal studenten stelt serieuze vraagtekens bij de Leidraad. DNR publiceert de opiniestukken van twee studenten. De tweede is getiteld: Onze journalistieke leidraad zit aan tafel bij DWDD.

Al één reactie — discussieer mee!