Recente gevallen van plagiaat zijn geen incidenten maar symptomen van een zwak gestel, meent Klaartje Jaspers. Wil de Nederlandse journalistiek enig vertrouwen herwinnen, dan moet ze zich herbezinnen en radicale keuzes maken. Tijd om de krant opnieuw uit te vinden, roekeloos eerlijk te zijn, en te spelen met de mogelijkheden die vrijkomen als we onze vertrouwde ego’s even opzij zetten.

Heibel in krantenland. Een stagiaire van ”s land grootste kwaliteitskrant’ heeft artikelen uit gerenomeerde internationale media geciteerd zonder de bron te noemen, en de hoofdredacteur biedt zijn excuses aan.

Retro rectificatie

Beetje retro, die excuses van de hoofdredactie, die blijkbaar nog een papieren ethiek hanteert. Wordt het op het internet inmiddels bijna normaal gevonden dat je een item stilzwijgend aanpast als je ergens een fout vind, in de krant en op tv verwacht men nog altijd een officiële rectificatie. In een medium dat door het papier gedragen wordt, volstaan een paar hyperlinks niet, en moet een aantal van de zwaarbevochten woorden opgeofferd worden aan het melden van de bron. Dat liet de stagiair na, niet één keer, maar keer op keer. De excuses van de hoofdredactie zijn misschien chique en terecht, maar onvoldoende om het zweren te stoppen.

Wil de krant instaan voor haar kwaliteit, dan moet het erkennen dat het onbenoemd putten uit andere bronnen gemeengoed is geworden. Veel journalisten maken zich er bewust of onbewust schuldig aan: ze herformuleren fragmenten van wat ze elders lazen, ze beroepen zich massaal op hetzelfde persbericht en ze hebben te weinig tijd om het hele onderzoek op hun gemak door te lezen en te herkauwen, laat staan om het aan een serieus weerwoord te onderwerpen.

Iedereen kopieert iedereen

Niet voor niets brengen nieuwsmedia regelmatig dezelfde dzelfde foutieve berichten: iedereen kopieert iedereen. Fouten bij Reuters of ANP zijn besmettelijker dan de pest. Als de journalistiek gezond zou zijn, zou ze daar weerstand tegen hebben opgebouwd, maar ze is verzwakt door een hardnekkige identiteitsverwarring: ze runt een morele instelling als een commercieel bedrijf, en heeft ‘onafhankelijk journalisten’ tot hongerige schrijfslaven gemaakt. Hebben de online media nog een dokter in de vorm van een kritische lezer die gelijk kan rectificeren, en een pil in de vorm van een interactieve infographic, een link of een video – veel dagelijkse printmedia hebben het zwaar, heel zwaar.

Ik ben wel benieuwd naar het verhaal van die ‘uiterst getalenteerde stagiair’, die volgens de getroffen hoofdredacteur ‘uiterst geraffineerd te werk is gegaan’. Alsof dat nodig is, in tijden dat ook redactiechefs te kampen hebben met een onverteerbare stroom aan informatie en een gebrek aan  middelen. Bronnen nalopen, methodes checken, conclusies weerleggen – dat doen we blijkbaar niet meer. De journalist heeft haar kerntaken uit handen gegeven.

Wachten op het volgende schandaal

Sterker nog, als we het wel doen, worden we afgestraft. Eerder schreef ik een achtergrondartikel over belastingontduiking, een onderwerp waar ik jaren onderzoek in heb zitten. Keurig noemde ik al mijn bronnen, die de eindredactie er feilloos weer uitsneed – ze moesten immers een groot, jong publiek bereiken. Zonder die bronnen had ik niet de autoriteit om mijn conclusies te staven. Wat resteerde was een oncontroleerbaar, weinigzeggend stuk, waar ik ook nog complimenten voor kreeg. En ik? Ik liet het doorgaan, me realiserend dat ik niet de onafhankelijke journalist was die ik hoopte te zijn. Misschien hadden ze gelijk, en kon ik beter een half verhaal aan 10.000 mensen vertellen, dan een completer, complexer verhaal aan 100.

Nederland is een klein landje. We hebben domweg te weinig lezers om veel tijdrovende, dure stukken te kunnen betalen. Willen we toch doen alsof we met een fractie van het budget een volwaardige Guardian, Le Monde of New York Times kunnen maken, dan zet je je persvolk onevenredig onder druk, en kan je gewoon wachten op het volgende schandaal. Een cursusje journalistieke ethiek, zoals de ombudsvrouw van de Volkskrant suggereert, gaat daar niet tegen helpen.

Kom uit de oude ivoren toren

Wat dan wel? Een herziening van het financiële model, een culturele revolutie op de redactie, een betere taakverdeling tussen print en online? Misschien. Run de krant desnoods als een kerk, met journalisten als monniken, die vooral voor hun eer en geweten hun werk doen. Het vergt misschien wat ego’s, hoongelach en idealisme, maar misschien heeft de krant geen keuze. Verliest de journalistiek haar integriteit, dan verliest ze haar bestaansrecht.

Laten we dus gewoon eerlijk zijn: beperk je tot een paar eigen stukken, voorzie goedgestolen copy-paste collages van een paar voetnoten en verwijs voor de rest met lof naar anderen, die wel de middelen kregen om hun werk te doen. Sluit je aan bij de data-generatie, omhels degenen die liever samenwerken dan concurreren. Bedenk je dat je soms met fictie een waarheidsgetrouwer beeld kan schetsen dan met een feitelijk verhaal, geef je lezers en schrijvers ruimte tot verbeelding. Maak nieuwe genres waar oude niet volstaan, gebruik de ruimte die vrijkomt als anderen je voorzien van het nieuws en achtergronden. Kom uit die oude ivoren toren, en dans mee met de rest van ons.

============

RECTIFICATIE

In de eerste versie van dit artikel werd in enkele passages de suggestie gewekt dat het artikel Goed wetenschapsnieuws brengen: het zal media worst zijn van Aliëtte Jonkers veel leek op een ander artikel. Die suggestie is onjuist en daarom zijn deze passages uit bovenstaand artikel verwijderd.
– Alexander Pleijter, hoofdredacteur De Nieuwe Reporter.

Al 10 reacties — discussieer mee!