Een goed journalistiek verhaal vertellen, hoe doe je dat? Door na te denken over een aantal elementen die jeu aan een verhaal geven. Menno Bosma legt uit welke elementen dat zijn.

De redactie van de Stichting Verhalende Journalistiek scant dit jaar weer alle Nederlandse en Vlaamse media op de best vertelde verhalen voor haar jaarboek Meestervertellers. Wanneer komt een productie in aanmerking voor Meestervertellers? De redactie onderscheidt zes elementen.

De best vertelde verhalen – online, in de krant, in tijdschriften, op de radio en op tv – bevatten deze zes elementen:

  1. Personages
  2. Scènes
  3. Spanningsboog
  4. Verteller
  5. Gelaagdheid
  6. Journalistieke meerwaarde

Om op de long- of shortlist voor het jaarboek Meestervertellers te komen, moet een productie minimaal één van de eerste vijf elementen bevatten, anders is geen sprake van verhalende journalistiek.

Bij het doorselecteren let de redactie nog eens op twee dingen:

  • Is er sprake van journalistieke meerwaarde (actualiteit, uniciteit)?
  • Zijn er meerdere verhalende elementen gebruikt en is dat op een goede manier gedaan?  

Maar eerst meer over die vijf elementen van verhalende journalistiek.

1. Personages

Een goed verhaal staat of valt met heldere personages. Ze zorgen voor identificatie, belangstelling en verwondering. Sommige personages staan bovendien voor iets groters, weer andere brengen spanning in het verhaal.

Een personage kan een ‘ik’ zijn die samenvalt met de verteller, maar ook een landschap, zoals in Waar was Joske gebleven? van Paul Teunissen in Vrij Nederland:

Er lopen geulen waar je ze niet verwacht. Soms is het midden in de rivier amper twee meter diep, terwijl kort langs de wal acht meter diepe gaten zitten, veroorzaakt door de enorme schroeven van de boten. Achterop ligt er 1500 pk, op de boegschroef nog eens 600 om zo’n bakbeest van honderd meter lengte bestuurbaar te houden. Maar als de rivier het wil, dan drukt die zo’n boot als een vermolmde boomstam precies waar die hem hebben wil.

2. Scènes

Show don’t tell, oftewel: leg niet uit wat er aan de hand is, maar laat dat zien. Dat kan bij uitstek door het gebruik van scènes. Een met zorg gekozen en gemonteerde scène kan in één klap zelfs een groot en ingewikkeld probleem verhelderen.

De camera staat onbeweeglijk gericht op de met zijn vingers trommelende kassamedewerker van de Spar. Lange tijd gebeurt er niets. Dan komen er door het gangpad twee jongeren aangeslenterd. Ze zetten een blikje fris op de band, tellen 20 cent neer en lopen naar buiten. De supermarkt is weer leeg.

Dit ene shot uit de documentaire Koppig dorp van Jaap van ’t Kruis en Marco Nauta, over een krimpend dorp in Groningen, brengt de problematiek van het leeglopende platteland indringender in beeld dan lange betogen van deskundigen zouden doen.

3. Spanningsboog

Een klassiek journalistiek stuk wikkelt de vijf w’s en één h (wie, wat, waar, wanneer, hoe, waarom) zo efficiënt mogelijk af. In verhalende journalistiek wordt meer een spel gespeeld met informatie. De maker gebruikt daarbij gereedschappen als vooraankondigingen, versnelling, vertraging, terugblikken en cliffhangers.

De verhalende journalist wil niet meteen onthullen, maar moet tegelijkertijd proberen de lezer bij de les te houden. Dat doet hij door zorgvuldig te doseren. Hij geeft informatie nog niet of maar gedeeltelijk prijs en bouwt de plot langzaam op, met een climax die doorgaans op tweederde van het verhaal ligt. Intussen speelt hij een geraffineerd spel met de tijd door vooruit- of juist terug te blikken, te versnellen en te vertragen en rust en actie af te wisselen.

Een bekende manier om de spanning er meteen goed in te brengen, is door het verhaal midden in een handeling (in medias res) te beginnen.

Het is een prachtige nacht voor een smokkelactie: volle maan, niet te koud en het gras is droog. Je kunt van die Koerdische smokkelaars zeggen wat je wilt, maar hun timing is perfect. Terwijl ik met een groep in het grasveld verstopt lig en de smokkelaars voor drie andere migranten – een man, een oude vrouw en een kindje – een geschikte vrachtwagen zoeken om in in te breken, vraag ik me gespannen af of ik er niet nu mee wil kappen. De noodzaak om echt weg te gaan is er voor mij immers niet.

Op deze manier, door meteen een stukje van de climax weg te geven, begint Hoe ik in een laadruim naar Engeland belandde van ‘Hassan’ in de Volkskrant. Hierdoor, en door de kop natuurlijk, word je als lezer meteen het verhaal in gelokt: je wilt weten hoe dit afloopt.

4. Verteller

De verteller kleurt de gebeurtenissen en betrekt de lezer, kijker of luisteraar bij het verhaal. Er kunnen meerdere vertellers zijn, die voor diversiteit en spanning zorgen, maar ze kunnen ook verwarring creëren.

De verteller kan een belevende ‘ik’ zijn, die de gebeurtenissen aan den lijve ondervindt en de lezer daar direct bij betrekt. Maar het kan ook een alwetende of personale verteller zijn, of het verhaal kan vanuit meerdere perspectieven worden verteld. De personale (of ook wel onzichtbare) verteller geeft het perspectief van één personage weer en heeft als voordeel dat de lezer, net als bij de ‘ik’, in diens hoofd kan kruipen. Nadeel is weer dat personale vertellers een gekleurde kijk op de zaak hebben en dus niet altijd betrouwbare informatiebronnen zijn.

Het personale perspectief kan in allerlei vormen worden gegoten, zoals deze innerlijke monoloog in Die kraai moet dood – Crow control van Freek Schravesande in nrc.next demonstreert:

Of ook die huiskraaien nu zo schadelijk zijn? Het gaat hem om de eer. De opdracht die hij kreeg van provincie Zuid-Holland om de 27 huiskraaien in Hoek van Holland te beperken noemt hij ‘een topuitdaging’. De moeilijkste klus uit zijn carrière. Dan stop je niet voordat je ze allemaal hebt.

5. Gelaagdheid

Een gebeurtenis die geen nieuwsbericht in de krant waard is, kan prima als basis fungeren voor verhalende journalistiek. Extra mooi is het als die gebeurtenis een bredere maatschappelijke ontwikkeling representeert of ergens symbool voor staat. Net als in goede literatuur ontstaat er dan gelaagdheid.

Een mooi voorbeeld van een verhaal met meerdere lagen is Die kraai moet dood – Crow control. In directe zin gaat het stuk over de jacht op kraaien. Tegelijkertijd bevat het allerlei verwijzingen naar het allochtonendebat. Het thema leent zich hier uitstekend voor. De vogels waar jacht op wordt gemaakt, staan te boek als ‘invasieve exoten’ – zie die bal maar eens niet in het doel te koppen.

Op filosofisch niveau was intussen discussie losgebarsten over wat een ‘exoot’ in deze samenleving eigenlijk nog is. Was niet iedereen wereldburger? Heet dit niet gewoon evolutie? Was Columbus dus ook een invasieve exoot?

Op de markt in Hoek van Holland ging het vooral over de positie van de allochtoon. ‘Van onze huiskraai blijf je af’, was de teneur. ‘Nijlganzen, schiet die maar af’, zei een man bij de viskraam. ‘Dát zijn buitenlanders.’

6. Journalistieke meerwaarde

De vijf genoemde elementen bepalen of een productie verhalend is. Daarnaast is het een pre als een productie journalistieke meerwaarde heeft. Dat is het geval als ze voldoet aan de volgende criteria:

Nieuwswaarde

Het verhaal is maatschappelijk relevant en/of staat voor iets groters dat in het brandpunt van de belangstelling staat. Voorbeelden: Koppig dorp (staat voor de krimp van het platteland) en Hoe ik in een laadruim naar Engeland belandde (staat voor de vluchtelingencrisis).

Uniciteit

De originele aanpak, de bijzondere research of de grote inspanning maken dat de productie uitstijgt boven een regulier journalistiek verhaal. Voorbeelden zijn undercover gaan (Hoe ik in een laadruim naar Engeland belandde), veel risico nemen (Langs het front tegen IS) of in een zeer gesloten wereld doordringen Satudarah – One blood).


Kader: Stuur je verhaal in

Heb je een bijzonder journalistiek verhaal gemaakt of ben je een mooi verhaal tegengekomen? Stuur het dan in, dat kan nog tot 15 december 2016 (of, als het verhaal tussen 15 december en 31 december verschijnt, tot 2 januari); de redactie maakt een voorselectie en voegt achteraf producties toe die tussen 15 en 31 december zijn verschenen).

Alle informatie over het inzenden van verhalen vind je hier. De redactie vraagt deze maanden ook redacties om hun beste verhalen in te sturen.

Het hele jaarboek lezen? De beste verhalende journalistiek van de laatste paar jaar zien, in Nederland en Vlaanderen, op radio, tv, online en in kranten en tijdschriften? Ga naar het archief van Meestervertellers.

De geselecteerde verhalen worden op 3 maart in Amsterdam gepresenteerd.

Nog geen reactie — begin de discussie!