Waren de Nederlandse media partijdig in hun berichtgeving over de Amerikaanse presidentsverkiezingen? Rosanne Terpstra analyseerde voor haar afstudeeronderzoek uitzendingen van het NOS Journaal en Nieuwsuur en concludeert dat het met die vermeende partijdigheid wel meeviel, maar Trump wel erg vaak het nieuws haalde.

“Schaamteloos partijdig.”

Zo kenmerkt journalist Roderick Veelo in zijn column op de website van RTL Z de berichtgeving van Nederlandse media over de Amerikaanse presidentsverkiezingen.

Het is 28 juli 2016. Hillary Clinton en Donald Trump strijden om het Witte Huis en dat houdt Nederland ook bezig. Kranten schrijven volop over de campagnes van de kandidaten en op televisie zijn reportages te zien.

Is de berichtgeving inderdaad vooringenomen, zoals Veelo beweert? Komt de vermeende linkse aard van de Nederlandse journalistiek en in het bijzonder de publieke omroep naar voren in de verslaggeving?

Dat besloot ik te onderzoeken.

NOS Achtuurjournaal en Nieuwsuur

Om na te gaan of de berichtgeving van de publieke omroep echt links of vooringenomen was, heb ik relevante items bekeken die tussen 18 juli en 9 november te zien waren in het NOS Achtuurjournaal en Nieuwsuur, twee van de belangrijkste nieuwsprogramma’s van de publieke omroep. Beide redacties hebben veel aandacht besteed aan de Amerikaanse verkiezingen.

Waarom die periode? Omdat Hillary Clinton en Donald Trump in juli officieel zijn verkozen tot kandidaten van de grootste partijen en Trump begin november de verkiezingen won, waarmee de campagne ten einde kwam.

Bij het analyseren van de nieuwsitems is gekeken of de belangrijkste elementen die horen bij objectieve journalistiek zijn toegepast. Denk aan hoor en wederhoor, het duidelijk onderscheid maken tussen feiten en meningen en het gebruik van meerdere bronnen.

Veel aandacht voor de kandidaat Trump

Wat direct opvalt is dat beide programma’s veel aandacht besteden aan Trump, zowel in positieve als negatieve zin. In de geanalyseerde nieuwsitems krijgt hij meer kritiek te verduren dan Clinton, maar mensen zijn ook vaker positief over Trump.

Daarnaast zijn Trump en de Republikeinse partij vaak het onderwerp van de verslaggeving. Items gaan over zaken als: ‘Verdeeldheid in de Republikeinse partij: niet iedereen is blij met Trump’, ‘Derde debat tussen Clinton en Trump in Las Vegas: Republikeinen trekken steun voor Donald Trump in’ of ‘Trump accepteert uitslag verkiezingen niet als hij verliest, zegt hij’.

Clinton krijgt minder individuele aandacht. Er wordt slechts een nieuwsitem besteed aan de WikiLeaks-onthullingen, waarbij gevoelige mails uit de Clinton-campagne door de klokkenluiderssite openbaar worden gemaakt.

Volgens NOS-eindredacteur Adrian Roling is het logisch dat Trump vaker de aandacht krijgt. Nieuws is iets dat afwijkt van de norm, zegt Roling in een interview voor dit onderzoek. “Trump wijkt veel meer af van de norm dan dat Clinton doet”, legt hij uit. “Je bent veel vaker geneigd om context te zoeken bij wat Trump roept en doet dan dat je dat bij Clinton doet.”

De vraag is of de NOS-redactie Trump negatief benaderde in hun berichtgeving of dat ze hun journalistieke voelsprieten volgden en afgingen op het nieuws. Dat nieuws kwam in dit geval in de vorm van de persoon Trump, de kandidaat zonder politieke ervaring met opvallende uitspraken.

De objectiviteit van de nieuwsitems

Door naar de inhoud van de items. Is er hoor en wederhoor toegepast, zijn er meerdere bronnen gebruikt en is onderscheid gemaakt tussen feiten en meningen?

Wat dat laatste betreft: in 13 van de 17 geanalyseerde nieuwsitems van het Achtuurjournaal is dat gebeurd. Bij minder dan de helft van de 17 nieuwsitems worden er meerdere bronnen genoemd, vier om precies te zijn. In geen enkel nieuwsitem van het Journaal wordt een beschuldigde om commentaar gevraagd (met daarbij de kanttekening dat bij negen nieuwsitems dit niet relevant is, omdat er niemand wordt beschuldigd.)

Bij de geanalyseerde nieuwsitems van Nieuwsuur liggen de cijfers niet heel anders, al heeft het aantal uitzendingen waarbij er nauwelijks onderscheid wordt gemaakt tussen feiten en meningen de overhand. Het onderscheid tussen feiten en meningen is in het algemeen dus duidelijk zichtbaar, maar dit komt vooral door de hoge score bij het Achtuurjournaal. De bronnen worden in de nieuwsitems van het Achtuurjournaal en Nieuwsuur nauwelijks genoemd en een beschuldigde krijgt ook niet altijd het laatste woord.

Toch kan het best zijn dat er meerdere bronnen zijn gebruikt bij het maken van een nieuwsitem. Dit komt alleen niet terug in de verslaggeving zelf. Journalisten zouden daar best transparanter over kunnen zijn. Waarom niet zeggen welke bronnen er zijn geraadpleegd om een nieuwsitem te maken? Of zet ze naderhand online, bij de uitgezonden reportage.

Te veel laten leiden door de peilingen?

Een ander verwijt is dat journalisten zich vooral naar het einde van de campagnestrijd sterk lieten leiden door de peilingen. Amerika-correspondent Arjen van der Horst gaf tegenover de toenmalig ombudsvrouw van de NOS Margo Smit toe dat hij daar uiteindelijk ook aan toe moest geven.

“Ik had me voorgenomen om die landelijke peilingen, die Clinton zo vaak op voordeel zetten, niet als leidraad te nemen. Die zeggen namelijk helemaal niks”, aldus Van der Horst. “Maar toch moest ik er in september ook aan geloven om er verslag van te gaan doen. Dat gevecht heb ik verloren. En toen creëerden we toch ook onze eigen echokamer.”

Werd er inderdaad veel aandacht besteed aan die peilingen? In 21 van de 39 geanalyseerde nieuwsitems spelen politieke peilingen juist geen enkele rol. Ze worden niet genoemd.

In 16 nieuwsitems spelen peilingen een kleine rol: ze worden even aangehaald, vaak ter verklaring, maar zijn niet het hoofdonderwerp. Slechts in 2 nieuwsitems spelen de politieke peilingen een grote rol. De percentages verschijnen op een interactief scherm en van uitleg voorzien door een presentator.

NOS zegt wel objectief te zijn geweest

Of de NOS objectief is geweest in de berichtgeving over de Amerikaanse verkiezingen? Ombudsvrouw Margo Smit concludeerde begin december van wel. Afgezien van een paar korte, losse berichten die meegingen in de hype van de dag, waren de Amerika-correspondenten niet partijdig en versloegen ze veel verschillende thema’s.

Smit zocht contact met haar ombudscollega’s over de grens. Die kregen ook het verwijt vooringenomen te zijn.

“Zegt dit dan dat de publieke omroepen wereldwijd linkse bolwerken zijn? Niet zonder nader onderzoek”, schrijft Smit. “Het zegt volgens de collega’s wel dat de verbazing over Trumps zege ook bij hen merkbaar was, en dat een deel van het publiek die verbazing interpreteerde als linkse vooringenomenheid.”

Het lijkt erop dat journalisten van het Achtuurjournaal en Nieuwsuur niet per se hun politieke overtuigingen hebben laten doorklinken in hun verslaggeving, maar dat ze vooral achter het nieuwe en opvallende fenomeen ‘Trump’ aan zijn gegaan. Hierdoor zijn ze Clinton, de kandidaat die we al kenden, misschien in de hectiek van de laatste maanden van de verkiezingscampagne uit het oog verloren.

Het volledige onderzoeksverslag is te vinden op de website van Rosanne Terpstra.

Nog geen reactie — begin de discussie!