Kijken naar het televisiejournaal maakt ons ongelukkig, blijkt uit wetenschappelijk onderzoek. Ook zeggen veel mensen dat het nieuws te negatief is en dat ze zich machteloos voelen bij de ellende die ze voorgeschoteld krijgen. Is het tijd voor een ander soort journalistiek?(€, Blendle)

Het begon voor filosoof en journalist Ralf Bodelier in Malawi, een van de armste landen ter wereld. Bodelier kwam al jaren regelmatig in dat Afrikaanse land en zag: het gaat alsmaar beter hier. Het aantal ziekenhuisbedden nam toe, het aantal aidsslachtoffers nam af. Maar bekeek hij het Nederlandse nieuws, dan zag hij alleen maar aandacht voor de oorlog, armoede en corruptie in Afrika.

Olifantsziekte

Terug in Nederland ging Bodelier aan de slag voor World’s Best News, een platform dat goed nieuws onder de aandacht brengt. Een recent nieuwsbericht: het eilandkoninkrijk Tonga heeft de eeuwenoude strijd tegen de olifantsziekte gewonnen. Een ander: onderzoek laat zien dat Nederlanders gelukkiger zijn dan ooit.

“Het gaat steeds beter met de wereld, maar dat zie ik niet weerspiegeld in kranten en het journaal”, zegt Bodelier. “Nederlanders hebben daardoor een te somber beeld van de werkelijkheid.”

Neem het armoedeprobleem. Onderzoeksbureau Motivaction becijferde vorig jaar dat 87 procent van de mensen denkt dat armoede de laatste 20 jaar gelijk is gebleven of zelfs erger is geworden. De werkelijkheid: het aantal mensen dat leeft onder armoedegrens is de laatste twee decennia juist meer dan gehalveerd. Bodelier: “Mensen denken dat de wereld erop achteruitgaat en dat inspanningen van goede doelen niks hebben opgeleverd. Terwijl het juist enorm heeft geloond.”

Dit najaar lanceerde Bodelier een manifest waarin hij journalisten oproept om meer context te bieden bij de drama’s, conflicten en ellende waar ze verslag van doen. De oproep: laat óók zien dat het per saldo steeds beter gaat met de wereld en besteed niet alleen aandacht aan problemen, maar ook aan oplossingen. Het manifest werd ondertekend door ruim 90 journalisten, onder wie Charles Groenhuijsen, Felix Meurders en Aart Zeeman.

Hart van Nederland

Niet alleen ons beeld van de wereld wordt vervormd door nieuws. We gaan ons ook minder gelukkig voelen na het zien van nieuwsprogramma’s waarin veel negativiteit en conflict aan de orde komt. Dat schrijven twee communicatiewetenschappers van de Universiteit van Amsterdam in de laatste editie van de Journal of Media Psychology. Ze lieten 3270 Nederlanders om de 10 weken noteren hoe gelukkig ze zich voelden en welke nieuwsprogramma’s ze hadden bekeken. Conclusie: ‘hard’ nieuws (NOS Journaal, RTL Nieuws en Nieuwsuur) heeft een negatieve invloed op hoe mensen zich voelen, en ‘zacht’ nieuws (Editie NL en Hart van Nederland) niet.

De uitkomst is ergens wel logisch: in hardnieuwsprogramma’s zie je nou eenmaal meer natuurrampen, misstanden en aanslagen voorbijkomen. Maar er is meer aan de hand, denkt Mark Boukes van de UvA. “De aanpak is negatief. In politieke verslaggeving gaat het vaker over conflicten tussen politici dan over geslaagd beleid. Of neem economisch nieuws. Als de werkloosheid toeneemt, dan krijgt dat drie keer zoveel media-aandacht dan als de werkloosheid afneemt.”

Die focus op problemen heeft alles te maken met het traditionele adagium in de journalistiek: goed nieuws is geen nieuws. En omgekeerd: if it bleeds, it leads. Als er doden vallen, dan is het voorpaginanieuws. Goed iets goed, dan besteedt de journalist er geen aandacht aan. Boukes: “Journalisten zien zichzelf als waakhonden die problemen aan de kaak moeten stellen.”

Toch hoor je ook steeds vaker journalisten die zeggen dat het anders moet. NOS-verslaggever Gerri Eickhof zei een jaar geleden in de VARAgids dat het NOS Journaal wat hem betreft meer minuten zou moeten besteden aan goed nieuws. “Wij berichten zelden over mensen die content, gelukkig en geslaagd zijn. Dat zou meer mogen.”

Risico’s

“Ik snap dat sentiment wel”, reageert Marcel Gelauff, hoofdredacteur van NOS Nieuws. “Het klopt dat Nederland bijvoorbeeld veiliger is dan 20 jaar geleden. Tegelijk staan wij niet los van de maatschappij. Als de politiek criminaliteit hoog op de agenda zet, dan besteden wij daar aandacht aan. Wij zijn onderdeel van een samenleving waarin er steeds meer behoefte is aan het uitsluiten van risico’s.”

Het is volgens Gelauff niet de taak van de NOS om meer positieve berichtgeving te brengen. “Als de MH17 wordt neergeschoten dan vullen we ons journaal daar logischerwijs mee. Op andere dagen besteden we meer aandacht aan positieve zaken, een nieuwe behandeling voor kankerpatiënten bijvoorbeeld. Maar positiviteit kan geen doel op zich zijn. We maken geen item over mensen met wie het toevallig goed gaat. Wat heeft de kijker daaraan?”

Met schokkende beelden is Gelauff wel heel voorzichtig. “Er is veel dat we niet uitzenden, en overdag laten we minder zien dan ’s avonds.”

Het grote aanbod aan beelden maakt dat nieuws vandaag de dag extra hard aankomt, denkt Ralf Bodelier. “Van de genocide in Rwanda in 1994 zijn bijna geen beelden. Nu komt nieuws realtime binnen van over de hele wereld. Je kunt alles zien, als het niet in het journaal is dan wel op sociale media.”

Nieuwsmijders

De soms heftige beelden van aanslagen en oorlogen kunnen reden zijn waarom sommige mensen besluiten om het nieuws helemaal niet meer te volgen. Deze ‘nieuwsmijders’ kregen afgelopen jaar veel aandacht in de media. Of er sprake is van een groeiende groep, is niet duidelijk. Pas deze zomer zijn er voor het eerst cijfers over gepubliceerd. Uit onderzoek van Reuters en Oxford University blijkt dat 27 procent van de Nederlanders het nieuws vaak of soms ontwijkt. Met dat percentage zit Nederland in de mondiale middenmoot, nabij landen als Duitsland (24 procent) en Frankrijk (29 procent).

Nieuwsmijden is niet nieuw, maar de motieven van nieuwsmijders zijn wel veranderd, zegt Irene Costera Meijer, hoogleraar Journalistiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Dit voorjaar interviewde ze samen met masterstudenten nieuwsmijders. “Bijna allemaal zeggen ze: het nieuws is te negatief, het verpest mijn humeur. Of: ik kan toch niks doen aan die ellende. Tien jaar geleden was dat anders, toen durfden mensen nauwelijks toe te geven dat ze nieuws meden, laat staan omdat ze nieuws gewoon niet zo boeiend vinden.”

Constructieve journalistiek

Er is bij mensen behoefte aan een ander type journalistiek, waar niet alleen problemen, maar ook oplossingen aan de orde komen, merkt Costera Meijer. Zo’n constructieve aanpak zou ervoor kunnen zorgen dat afhakers het nieuws weer aanzetten, denkt ze. “Zodra mensen het gevoel hebben: er valt wat aan doen, door anderen of door henzelf, dan voelen ze zich minder machteloos.”

De journalistiek moet zich deels heruitvinden, vindt Costera Meijer. “Als je over klimaatopwarming schrijft, betrek mensen er dan bij. Schrijf wat het oplevert als jij als consument een week lang geen vlees eet. Uit onze onderzoeken blijkt dat mensen behoefte hebben aan verhalen waar ze iets mee kunnen in hun leven.”

Voor filosoof en journalist Ralf Bodelier is het vooral belangrijk dat journalisten meer context en nuance geven. “Natuurlijk moeten journalisten eerst gewoon verslag doen van een aanslag als in SomaliëMaar je moet het later op de dag of de dag erna ook in perspectief zetten. Dat mis ik vaak. En dan weet je als kijker dus niet dat Somalië echt een uitzondering is in Afrika, dat het aantal conflicten er sterk is afgenomen. Want dat is de realiteit: Afrika staat helemaal niet in brand.”

Nog geen reactie — begin de discussie!