Politieke berichtgeving is zelden neutraal. Wanneer journalisten over een onderwerp schrijven, doen zij dit vaak vanuit een bepaald perspectief. Zij richten zich op bepaalde aspecten van het nieuws, bijvoorbeeld door specifieke argumenten aan te halen. Een gevolg daarvan is echter, dat andere perspectieven onderbelicht blijven. Dit gebeurt zowel in de zogenaamde ‘kwaliteitskranten’ als in de ‘sensatiepers’, en lijkt dus haast onvermijdelijk in de journalistiek. In de communicatiewetenschap wordt deze praktijk ook wel framing genoemd.

Uit tal van onderzoek blijkt dat nieuwsframes attituden en gedrag kunnen beïnvloeden. De manier waarop een journalist over het onderwerp immigratie schrijft (positief dan wel negatief) blijkt de steun van burgers voor bepaalde politieke partijen te kunnen beïnvloeden. Door middel van frames bieden journalisten als het ware richtlijnen over hoe een (politiek) onderwerp zou kunnen worden geïnterpreteerd.

De onderzoeksvraag

Hoewel er inmiddels veel overtuigend bewijs is voor de effecten van framing, is er minder bekend over hoe deze frames tot stand komen. Wat bepaalt hoe een journalist over een (politiek) onderwerp bericht?

Verschillende zaken kunnen een rol spelen. Wanneer kranten zich in een sterk gecommercialiseerde omgeving bevinden, kan de concurrentie tussen kranten journalisten ertoe aanzetten om op een bepaalde manier te schrijven, omdat zij het lezerspubliek voor zich willen winnen. Maar ook iemands eigen normen en waarden of bepaalde werkroutines kunnen meespelen.

In deze studie kijken wij specifiek naar de rol van externe actoren op de totstandkoming van frames. Bij de meeste politieke zaken zijn meerdere individuen en groeperingen betrokken, die vaak verschillende kanten van het debat vertegenwoordigen. Dit zijn voornamelijk politici, staatsambtenaren, (minderheids)organisaties, experts en burgers. Om het publiek aan hun kant te krijgen, hebben zij er belang bij dat hun standpunten op een zo positief mogelijke manier naar voren worden gebracht in het nieuws.

In plaats van de journalist alleen van feiten te voorzien, proberen ze dus vaak een bepaald frame naar voren te schuiven, in de hoop dat journalisten dit overnemen. In het vluchtelingendebat zullen sommige politici bijvoorbeeld de nadruk leggen op de mogelijke negatieve gevolgen voor de Nederlandse samenleving, terwijl minderheidsorganisaties zich waarschijnlijk meer focussen op de noodzaak van universele mensenrechten.

Maar hoeveel invloed hebben deze actoren nou daadwerkelijk op de manier waarop journalisten over een politiek onderwerp berichten? En als journalisten al besluiten om de frames van de betrokken actoren over te nemen, wat bepaalt dan welke frames zij overnemen?

Hoe gaan we dit onderzoeken?

Om deze vragen te beantwoorden, bestuderen we de twee rechtszaken tegen Geert Wilders voor groepsbelediging, haatzaaien en aanzetten tot discriminatie (de eerste zaak liep van 2009 tot 2011, de tweede begon in 2014 en loopt nog steeds). We gebruiken deze zaken als voorbeeld omdat hier verschillende partijen bij betrokken zijn geweest die verschillende standpunten vertegenwoordigden. Denk hierbij aan politici (waaronder vanzelfsprekend Geert Wilders zelf), de openbaar aanklager en verschillende anti-racisme-organisaties. Beide rechtszaken hebben bovendien veel media-aandacht gekregen.

We bestuderen alle nieuwsartikelen die door negen traditionele en digitale kranten zijn geschreven in de eerdergenoemde periode. Daarnaast kijken we hoe de betrokken actoren zelf over dit onderwerp hebben bericht. Door dit met elkaar te vergelijken, kunnen we onderzoeken in hoeverre actoren een bepaalde mate van controle hebben over het nieuws.

Wat verwachten we te vinden?

Onze verwachting is allereerst dat ieder van deze actoren een beperkt aantal frames creëert en promoot. Less is more: zowel journalisten als het publiek kunnen maar een beperkt aantal frames oppikken en verwerken. Een groot aantal frames produceren lijkt geen verstandig middel om het publiek te beïnvloeden.

Hard aan de slag

Hoewel we vermoeden dat journalisten de door actoren gepromote frames wel degelijk overnemen in hun berichtgeving, denken we ook dat zij een zekere mate van agentschap behouden. Dit heeft te maken met het medialandschap van Nederland, waarin journalisten over het algemeen een redelijk kritische en assertieve rol aannemen.

Naast het bestuderen van het samenspel tussen actoren en journalisten kijken we ook naar de “strijd” tussen de verschillende frames. Is een bepaald frame sterker dan anderen, en zo ja, waarom? We verwachten dat frames die aansluiten bij belangrijke nieuwswaarden (bijvoorbeeld conflict of moraliteit) vaker worden overgenomen door journalisten dan frames die geen belangrijke nieuwswaarden bevatten.

Ook verwachten we dat frames van politici en staatsambtenaren (bijvoorbeeld de openbaar aanklager, in de door ons onderzochte case) meer door journalisten worden gebruikt dan frames van bijvoorbeeld anti-racisme organisaties. Dit heeft ermee te maken dat journalisten vaker vertrouwen op “elite” bronnen, omdat die vaak betere toegang hebben tot de media en meer autoriteit (lijken) uit (te) stralen.

Als laatste onderzoeken we hoe actoren op elkaar reageren. Hoewel zij waarschijnlijk voornamelijk hun eigen frame promoten, reageren ze vermoedelijk ook op elkaars frame. Ze kunnen bijvoorbeeld elkaars argumenten proberen te weerleggen. Eén van de redenen om dit te doen, is wanneer hun eigen frames niet genoeg worden overgenomen door journalisten.

De komende maanden gaan wij hard aan de slag om antwoorden te krijgen op bovenstaande vragen en verwachtingen (daarover in een later artikel meer!). Hiermee hopen we meer inzicht te krijgen in de processen die nieuwsframes tot stand brengen, en de controle die actoren hebben over de berichtgeving van politieke onderwerpen. Gezien de effecten die frames lijken te hebben op attituden en gedrag, is meer kennis hierover van groot belang.

Dit onderzoek wordt uitgevoerd in samenwerking met dr. Laura Jacobs en dr. Joost van Spanje. Het onderzoek maakt deel uit van een onderzoeksproject over de effecten van juridische vervolging van anti-immigratie politici en politieke partijen, gefinancieerd door het NWO.

Lisanne Wichgers

Lisanne Wichgers MSc (Res) is promovendus aan de Amsterdam School of Communication Research (ASCoR) van de Universiteit van Amsterdam.
Profiel-pagina
Al één reactie — discussieer mee!