Tussen Laura H. van Thomas Rueb en In koelen bloede van Truman Capote zit ruim vijftig jaar.

In 1966 verscheen het boek van Capote, gebaseerd op de gruwelijke moord op een boerengezin door twee criminelen in Kansas, VS. Capote zou er geschiedenis mee schrijven. Hij werd hét voorbeeld van een nieuw journalistiek genre: New Journalism.

Ruim vijftig jaar later schrijft NRC-verslaggever Thomas Rueb een even gedenkwaardig boek: Laura H. Over het 16-jarig meisje Laura uit Zoetermeer die met haar moslimman Ibrahim vertrekt naar IS in Irak en alleen met haar twee kinderen terugkeert in Nederland. Een schitterend journalistiek verhaal, ruim vijfhonderd pagina’s lang, dat aan je oog voorbijtrekt. Rueb maakt, evenals Capote, gebruik van narratieve principes als personages, scènes en dialogen, geplaatst in het feitelijk decor. Daarmee treedt hij in een gedenkwaardige traditie van journalisten die van complexe feiten ware verhalen maken.

Maatschappelijke relevantie

Beide boeken doen verslag van een ingrijpende gebeurtenis met maatschappelijke relevantie.

Bij Capote gaat het om een brute moord op een doorsnee plattelandsgezin, vader en moeder Clutter en hun twee tienerkinderen, Nancy en Kenyon.

Thomas Rueb vertelt het verhaal van een eigenzinnig Zoetermeers meisje dat in het gezin ontspoort, zich bekeert tot de islam en rust vindt bij een geradicaliseerde moslimjongen.

Type scènes

Beide boeken overtuigen omdat ze zowel dader als slachtoffer als mensen afschilderen; het worden personages van vlees en bloed. Ze dromen, voelen en handelen. In tegenstelling tot de traditionele journalistiek waar personen vooral worden beschreven en geciteerd als informatiebronnen. Toch is er één groot verschil tussen Capote’s boek en dat van Rueb. Dat schuilt in het type scènes.

De scènes in Capote’s boek zijn lang(dradig); ze bevatten veel details in de vorm van beschrijvingen van de omgeving, herinneringen van de hoofdpersonen en lange gesprekken tussen de personages. Ruebs scènes zijn dynamischer; hij gebruikt krachtige sobere, poëtische taal, korte zinnen, citaten en dialogen. Ook wisselt hij snel van personages. Moeiteloos volg je als lezer hun belevenissen, gedachtegangen en woordenwisselingen. En dat vijfhonderd pagina’s lang.

Ibrahim draagt altijd zwart. Kleding van The North Face, volgens hem het enige goede merk. Hij noemt haar Lam of Lammetje, van Lamyae, soms liefie. Dat spreekt hij dan uit met een ironisch bedoeld Marokkaans accent: Lievíe. Daar maakt hij grappen over. ‘Lievíe wáárrr ben jij?’

Hij is alles wat ze altijd al wilde.

Wanneer haar ouders bellen, steeds minder vaak, drukt ze die weg. Ze willen haar niet zien, tenminste niet met haar hoofddoek om. No way dat ze die voor hen gaat afdoen.

Het maakt niet uit. Ze heeft Ibrahim.

Bij hem is ze rustig.

Een voorbeeldscène uit Laura H.

Tijdgeest

Klinkt in de scènes van Rueb de huidige tijdgeest door? Zijn we de lange beschrijvingen van natuur en omgeving zat en verlangen we naar snelle, gecomprimeerde overzichten? Heeft het ook te maken met de manier waarop we artikelen en verhalen lezen, namelijk veelal digitaal op E-reader of mobiel? Of spreekt hier het verschil tussen het lome, lusteloze Amerikaanse platteland uit de jaren ’60 en het snelle stedelijke leven van de hoofdpersonages in een stad als Zoetermeer in de 21ste eeuw?

Zintuigen

Ruebs verhaal over de belevenissen van Laura H. weten je in elk geval aan elke bladzijde te kluisteren. Dat wat Truman Capote als een van de eerste New Journalism verslaggevers toepaste, namelijk je inleven in de hoofdpersonages, ze letterlijk laten denken, verlangen en vloeken, heeft Rueb met ijzeren consequentie doorgevoerd.

Je hoort Laura met haar hoofd tegen de muur bonken, wanhopig schreeuwen en snikken. Je voelt de vloer plakken van de kamer waar ze straks seks heeft met Ibrahim, je ziet de mieren in Laura’s onderarmen bijten en je proeft het smerige vervuilde kraanwater dat Laura drinkt. Althans, het komt heel dichtbij. Rueb zit Laura verdomd dicht op de huid.

Journalistieke waarheid

Maar hoe zit het met de journalistieke waarheid van zijn verhaal? Hoe weet hij wat Laura op die specifieke momenten heeft gevoeld, geroken en gekrijst? Op Villamedia vertelt Rueb dat hij naast de enorme documentatie die hij kreeg van de vader van Laura, ook 150 uur met Laura zelf sprak. Het was mede aan haar openheid en uitzonderlijk oog voor detail te danken dat Rueb dit boek zo kon schrijven.

Door het verhaal van Laura H. begrijp ik het verlangen van de Hollandse jonge moslimmannen en – meisjes naar het IS-kalifaat beter. Ze geven mij meer inzicht dan de nieuwsberichten over haar hechtenis na haar terugkeer in Nederland. Die was ik snel vergeten. Maar het prangende verhaal van het 16-jarig meisje dat in Zoetermeer geen rust kon vinden en de moslim jongeman die de Hollandse burgerlijkheid haatte, ja, dat verhaal blijft hangen. Omdat het echt is, menselijk en herkenbaar. Eigenlijk al zo oud als de verhalen van meesterverteller Herodotus.

Karel Witteveen

Karel Witteveen is zelfstandig trainer, coach en freelance schrijver. Hij geeft trainingen creatief denken en schrijven en verhalende …
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin de discussie!