Je vindt ‘m in de bakken voor de universiteit of online: het universiteitsblad. Bijna iedere universiteit wordt kritisch gevolgd door zo’n journalistiek medium, dat onafhankelijk bericht over het reilen en zeilen op de instelling.

De afgelopen jaren worstelen deze redacties echter met hun voortbestaan. De oplages van universiteitsmedia dalen eerder dan dat ze stijgen en redacties worden geconfronteerd met een groeiende internationale doelgroep die zij vooralsnog niet optimaal kunnen bedienen. Daarnaast heeft de universiteitskrant geen monopolie op de informatievoorziening over de universiteit (de concurrentie van talrijke interne nieuwsdiensten groeit), wordt in sommige situaties de redactionele onafhankelijkheid ondermijnd en kampen veel redacties met een voortdurende dreiging van bezuinigingen.

Reden voor ons om de levensvatbaarheid van de universiteitskrant te bestuderen. Met hulp van vier studenten Journalistiek en Nieuwe Media interviewden wij in het voorjaar van 2015 bijna alle hoofdredacteuren van universiteitsmedia over hun toekomstvisie. Daarnaast interviewden we experts om tot nieuwe inzichten en ideeën te komen.

De kernvraag van dit onderzoek is: welke kansen zien betrokkenen en experts – gegeven de geschetste bedreigingen – voor een toekomstbestendige universitaire pers in Nederland voor de komende tien jaar? Hoewel de momentopname uit 2015 iets minder representatief kan zijn voor de hedendaagse universitaire journalistiek, formuleren wij aan de hand van deze verkenning een aantal aanbevelingen. Die kunnen redacties wellicht gebruiken als zij nadenken over de vraagstukken waar zij dagelijks voor staan.

1. Stel kritische journalistiek centraal

Nieuws over alle onderwerpen en geledingen – ook als dat niet direct positief is voor de betrokkenen en de universiteit – blijft volgens de hoofdredacteuren het bestaansrecht voor de universitaire pers. Als kritische waakhond van de universiteit moet de redactie het ontdekken, checken en brengen als een bestuurder fraudeert of een wetenschapper verzinsels publiceert. Ook als onderzoeksjournalistiek veel tijd kost. Zo onderscheidt de universiteitskrant zich van interne nieuwsdiensten.

2. Verbind de studenten en medewerkers via het nieuws met elkaar en vergeet daarbij de internationale academici (in opleiding) niet

Hoofdredacteuren benadrukken dat ze het belangrijk vinden dat studenten en medewerkers van de universiteit over dat muurtje van hun eigen discipline durven te kijken (uit de filterbubbel komen). Zodat “de rechtenstudenten weten wat er bij de bèta’s gebeurt en dat de hoogleraren ook weten wat een eerstejaars op een vereniging uitspookt.” Dat kan enerzijds door te berichten over lokale kwesties. De universiteit als gemeenschap en academische vrijplaats waar eenieder onderdeel van is.

Het binden van die internationale, vaak Engelstalig sprekende, studenten en medewerkers aan de universiteitskrant is hierbij mogelijk nog de grootste uitdaging. Redacties zoeken manieren om die groep te kunnen bedienen, maar hebben de oplossing voor dit complexe vraagstuk nog niet gevonden. Een Engelstalige pagina in de krant of een geheel Engelstalig magazine? Nader onderzoek zal moeten uitwijzen wat het beste werkt.

3. Versterk het debatpodium

De universiteitskrant is in principe een van de beste podia voor debat binnen de universiteit. Daarin zijn ze een essentiële aanvulling op de universitaire nieuwsdiensten, die vooral informeren en zich niet profileren als debatpodium. Regelmatig worden discussies over het bindend studieadvies of ontgroeningen weer aangewakkerd door een ingezonden brief of scherp opiniestuk van een student of medewerker van de universiteit. Dat debat draagt bij aan een open academische cultuur waarin van studenten en medewerkers wordt verwacht dat zij kritisch kunnen nadenken en schrijven over (vakgerelateerde) thema’s.

Een interessante samenwerking zou die met de afdeling Studium Generale kunnen zijn. Via het organiseren van spraakmakende debatten (op de opiniepagina, via ingezonden brieven, online via sociale media of offline in een debatbijeenkomst) kan de redactie een onderwerp agenderen en in leven houden dat anders gemakkelijk van de radar verdwijnt.

4. Online heeft de toekomst, maar papier is nog steeds functioneel

Redacties willen natuurlijk online vindbaar zijn. Waar een daling van de printoplage een trend is als het gaat over nieuwsmedia, zit de digitale oplage in de lift (zie hier en hier). Interactie met de doelgroep gebeurt grotendeels via sociale media.

Dat betekent niet dat het papier ten dode opgeschreven is. Nog lang niet iedere universiteitskrant durft de stap naar online only te wagen. Uit de interviews met de hoofdredacteuren blijkt dat zij hechten aan de printuitgave. Sommige van hen benadrukken de verbindende functie van een papieren blad: “omdat je dan ook nog ziet wat ze bij de buren allemaal doen of wat studenten bij de andere vereniging nog bezighoudt.”

Een universiteitskrant is een middel om mensen verder te laten kijken dan hun eigen leefwereld. Studenten en docenten moeten dus ook geconfronteerd worden met de universiteitskrant. Die moet zichtbaar zijn. In bakken op de campus. Of via een nieuwsbrief die naar de hele universitaire gemeenschap gaat. Dat laatste is een struikelblok, want sommige redacties mogen dat niet doen.

Daarnaast zorgt een krant of magazine voor fysieke zichtbaarheid op de campus. Een expert oppert de mogelijkheid van “vloeibare content” waar het bericht zelf het medium is. “Als dat goed in elkaar zit, verspreidt het zichzelf wel.” En zo is het. Durf te innoveren en te dromen.

Bovenstaand artikel is een beknopte weergave van het onderzoek ‘De universiteitskrant: bedreigingen en kansen voor de toekomst’, dat is gepubliceerd in het Tijdschrift voor Communicatiewetenschap.

Joline Cramer

Joline Cramer heeft de masteropleiding Journalistiek en Nieuwe Media gevolgd aan de Universiteit Leiden.
Profiel-pagina

Jaap de Jong

Jaap de Jong is hoogleraar Journalistiek en Nieuwe Media aan de Universiteit Leiden.
Profiel-pagina

Frank Nuijens

Frank Nuijens was hoofdredacteur van het Delfts medium Delta en is zelfstandig wetenschapscommunicatiespecialist. Hij was als een soort …
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin de discussie!