360-graden-video’s vallen onder de immersieve journalistiek. Dat is een manier van produceren waarbij de consument in het verhaal wordt ondergedompeld. Hierbij wordt gebruik gemaakt van technologie en interactie om een verhaal te creëren dat een begin en een eind heeft.

Je kunt een verhaal dan ook niet immersief noemen als het niet aan deze drie voorwaarden voldoet. Het meer bekende virtual reality (VR) is daarom vaak immersiever dan 360, omdat er meer interactie mogelijk is.

Verschil met VR

Het verschil tussen VR en 360-graden-video heeft alles te maken met de manier waarop de video is gemaakt. Bij 360-graden-video’s gaat het altijd om beelden die iemand echt heeft gefilmd. De maker is op locatie geweest en heeft zo ook de macht over wat de consument te zien krijgt.

Bij virtual reality is er sprake van een gemaakte omgeving, waarin in de consument daadwerkelijk kan rondlopen waar hij of zij wil. Hierdoor heeft de maker van VR minder controle over wat de gebruiker te zien krijgt en is de verhaallijn per persoon anders.

Steeds toegankelijker

De termen VR en 360 worden nog weleens onterecht of door elkaar heen gebruikt. Uit Nederlands onderzoek naar 190 producties bleek maar 7% echt immersief te zijn, terwijl alle makers hun product zo noemde.

Een van de redenen dat 360-graden-video’s en virtual reality de media nog niet hebben overgenomen is omdat de consument deze producties lastig tot zich lijkt te nemen. Maar met nieuwe initiatieven wordt het consumeren van VR voor veel mensen steeds gemakkelijker en toegankelijker.

Zo zond The New York Times in 2015 meer dan een miljoen Google Cardboards naar hun leden ter promotie van hun VR-initiatief. Deze Cardboards zijn relatief laaggeprijsde, vouwbare, VR-brillen die werken met behulp van een smartphone. 360-graden-video’s kun je tegenwoordig gewoon op YouTube kijken. Dan verschijnt een knop met vier pijltjes in beeld, waarmee je zelf bepaalt waar je naar kijkt.

Dit maakt het kijken van deze video’s voor de gebruiker relatief eenvoudig, omdat hij of zij geen extra tool, zoals de VR-bril, hoeft aan te schaffen. Dat maakt het ook voor de journalist interessanter zich in deze vorm van content te verdiepen.

Welk perspectief?

Behalve dat je, om een impactvolle 360-graden-video te maken, rekening moet houden met technologie, interactie en een duidelijk narratief, dient men ook het juiste perspectief te kiezen. In de wetenschappelijke literatuur wordt gesproken over het first-person perspective (1PP) en het third-person perspective (3PP).

Het 1PP wordt door Franse onderzoekers omschreven als het bekijken van het beeld waarbij de camera op de positie zit van de ogen van de deelnemer (a). Bij het 3PP volgt een camera de deelnemer. Hierbij zijn de kijkhoek en afstand tussen camera en deelnemer aanpasbaar (b).

360-video-perspectief
Beeld door: Salamin, 2010

Uit het onderzoek, waarin werd gekeken naar hoe informatie wordt opgeslagen, blijkt dat deelnemers die leerden door via het 3PP te kijken, informatie beter opnamen dan deelnemers die via het 1PP keken. Dit zou voornamelijk komen doordat de consumenten een persoon vlak voor zich zien in het 3PP. Dit zorgt ervoor dat het gevoel dat je er echt bij bent (‘presence’) wordt vergroot. De consument associeert dat, wat hij of zij zelf doet (het hoofd bewegen) met wat de persoon in beeld doet.

Emotionele betrokkenheid

Ander onderzoek toont ook aan dat het 3PP voor een hogere emotionele betrokkenheid zorgt dan het 1PP. Door vanuit het perspectief van iemand anders naar een beeld te kijken (bijvoorbeeld: je ziet iemand in 360 door een oorlogsgebied lopen), komt het beeld en wat daarop gebeurt beter binnen. Dit komt door empathie oftewel het inlevingsvermogen met de persoon die je ‘volgt’.

Ook stelt deze studie op basis van verschillende onderzoeken dat het zien van iets door de ogen van een ander, of een VR-bril, ervoor kan zorgen dat je eerder geneigd bent om actie te ondernemen om iemands lijden te verlichten. Consumenten van VR en 360-graden-video’s in 3PP tonen meer empathie voor het object.

Andere onderzoeken tonen juist het tegenovergestelde effect aan. Doordat je duidelijk iemand anders ziet lopen in 360 video, besef je je goed dat jij niet die persoon bent. Dit wordt ook wel ‘passive empathy’ genoemd.

In het algemeen geldt wel: 360-graden-video’s kunnen bijdragen aan het vergroten van emotionele betrokkenheid van de kijker bij het journalistieke verhaal, mits de productie vanuit het derde perspectief wordt getoond.

360 in de journalistiek

De verhoogde emotionele betrokkenheid bij 3PP-beeld wordt onderschreven door Nederlands onderzoek van Schuurink en Toet. Hun onderzoek suggereert dat dit komt doordat het 3PP een duidelijker beeld schept van de omgeving dan het 1PP.

Verder onderzocht het tweetal in hoeverre 360-graden-video’s al worden gebruikt in de journalistiek. Hun conclusie: niet vaak.

Als 360 wel wordt gebruikt, gaat het vaak om verhalen waarin iets heftigs gebeurt of waarbij emotie een grote rol speelt. En dat blijkt te werken. Onderzoek van de Radboud Universiteit toont aan dat consumenten die nieuwsvideo’s in 360 graden kijken, beter scoren als het gaat om betrokkenheid/aanwezigheid, plezier en en de mate waarin zij het nieuws geloofwaardig achten.

En omdat 360-graden video’s die gebruik maken van het third-person perspective een grotere impact maken op de kijker, zien we dat deze videovorm tot nu toe vaak is ingezet bij aangrijpende thema’s. Voorbeelden van 360-film zijn producties waarin je ervaart hoe het is om autistisch te zijn (The Guardian, 2017) of van dichtbij de  oorlog in Irak meemaakt (The New York Times, 2016)

"Eerlijker beeld"

Ook in Nederland wordt zo nu en dan eens een 360-graden-camera ingezet. Bijvoorbeeld om een sfeerimpressie van Lowlands te krijgen (NOS, 2015) en de voor het publiek onbekende ruimtes van poptempel Paradiso te ontdekken (De Volkskrant, 2018).

Erg regelmatig wordt de 360-graden-video in ons land nog niet gebruikt. Behalve door oorlogsverslaggever Hans Jaap Melissen. Je zou hem de Nederlandse pionier in 360-graden-video’s kunnen noemen. 360-video zorgt volgens hem voor een meer realistische kijk op het nieuws. Zo zei hij tegen de NVJ: ‘Als er ergens een aardbeving is geweest, krijg je op tv alleen de kapotte gebouwen te zien. Terwijl in de buurt nog heel veel huizen overeind staan. Als je filmt in 360 graden, kan dat niet. Dat geeft een eerlijker beeld van de werkelijkheid.’

Britt Henneken

Britt Henneken haalde haar diploma een de School voor Journalistiek en werkt nu als freelance redacteur en verslaggever.
Profiel-pagina
Nog geen reactie — begin de discussie!